3 jul 2020

Resultaten van conceptueel denken zijn moeilijker overdraagbaar dan simpele plaatjes: ‘strippen’ is van alle tijden

Door Toine van Helden, senior adviseur bij BMC en auteur van het boek 'Succesvol doelen bereiken'

Ik verwonder mij er al heel lang over dat theorieën, analyses en conceptuele manieren van denken in de praktijk nogal eens te lijden hebben van enige vorm van verbastering door gebruikers. Mijn verwondering betreft niet zozeer de omstandigheid dát het gebeurt, maar dat veelal verbasterde versies van het origineel - of liever gezegd ‘gestripte’ versies - overleven en het origineel in de vergetelheid raakt.

Toen ik mijn boek ‘Succesvol doelen bereiken’ schreef, was ik me terdege bewust van dit verschijnsel. Mijn gedachte was voortdurend: Hoe vermijd ik dat alleen bepaalde plaatjes en schema’s worden opgepikt, maar niet de conceptuele manier van denken die ik wil overbrengen?

De enige oplossing die ik wist te bedenken bleef geheel in lijn van het conceptuele denken. Ik koos er namelijk voor om de lezer bewust te maken dat het verschijnsel bestaat en van de aspecten van het menselijk brein die gedrag stimuleren dat leidt tot het gewraakte verschijnsel. Ik wees erop dat het niet voldoende is om de intentie te hebben om een bepaald concept, zoals het mijne, in je eigen organisatie toe te passen. Het is nodig om alert te zijn op de wijze waarop je eigen brein je gemakkelijk op een dwaalspoor brengt bij het toepassen van het concept. Het is noodzakelijk om actieve hulp van collega’s en leidinggevende te organiseren om op het juiste spoor te blijven.

Ik wist op dat moment dat dit niet voldoende is, maar helaas wist ik geen betere oplossing te bedenken. Die oplossing dreigt immers evenzo te deel te vallen aan vergetelheid of wordt in het slechtste geval niet eens herkend als oplossing. Ook nu nog worstel ik met de oplossing voor het probleem dat ik in deze blog signaleer. Ik ben nog steeds benieuwd naar een effectievere oplossing.

Vorig jaar las ik een recensie[1] van een boek van een de gepensioneerd plastisch chirurg Klaas Marck over Julius Szymanowski, hoogleraar chirurgie in Helsinki en later Kiev in de 19e eeuw. Szymanowski schreef een boek over het reconstrueren van grote wonden en verminkte gezichten, een theoretische verhandeling geïllustreerd met honderden operatieplaatjes. Volgens de hedendaagse plastisch chirurg in ruste Marck was Szymanowski de eerste met zo’n conceptuele aanpak. Die was totaal nieuw voor die tijd, maar eigenlijk ook nu nog. Szymanowski schrijft dat je vanuit de theorie, met conceptueel denken, een goed plan moet maken. Dat je niet in een boek met operatieplaatjes moet zoeken naar wat misschien lijkt te passen, om dat vervolgens maar te proberen.

Toch is precies dat wat er meer dan een eeuw lang is gebeurd na het verschijnen van zijn boek. Als je moderne, meestal Amerikaanse, handboeken openslaat, zie je nog steeds een catalogus vol plaatjes van mogelijke behandelingen. Het hele systeem erachter en de oproep om zelf na te denken is volgens Marck niet opgepikt. ‘Strippen’ is dus niet alleen iets van de tegenwoordige tijd.

Dit voorbeeld uit de plastische chirurgie is zo kenmerkend voor wat er vaak gebeurt in alle soorten vakgebieden en organisaties. Misschien moet ik er toch maar op hopen dat mijn adviesrapporten voor klanten en mijn eigen boek niet helemaal ten prooi vallen aan deze vorm van herschrijven en herinterpreteren. En dat ze - mocht dat toch gebeuren - voldoende kwaliteit hebben om op een later moment nog weer eens te worden herlezen en opnieuw onder de aandacht te worden gebracht.

[1] ‘Misbruikt als 19e eeuwse Wehkampctalogus, Wim Köhler, NRC 13 april 2019.

Toine van Helden
Mijn verwonderblogs gaan over strategische organisatievraagstukken in de publieke sector. Waarover blijf ik me verwonderen? Wat is hier volgens mij aan de hand? Zijn er ook aanknopingspunten om te leren van verwondering?
Toine van Helden Senior adviseur BMC Bestuur & Organisatie Neem contact op met Toine
BESTUUR & ORGANISATIE BLOG

Gerelateerde artikelen