8 okt 2019

De nieuwe Wet inburgering: wachten is geen optie

Met ingang van 1 januari 2021 wordt de nieuwe Wet inburgering ingevoerd. Vanaf die datum zijn gemeenten verantwoordelijk voor de inburgering van hun nieuwkomers. Gemeenten juichen het doel van het nieuwe inburgeringsstelsel toe: mensen die verplicht moeten inburgeren doen snel en volwaardig mee in de maatschappij, bij voorkeur via betaald werk.

Voor veel gemeenten zijn de kaders van de nieuwe Wet inburgering echter nog onduidelijk: Wat wordt de (wettelijke) taak en hoeveel budget krijgt de gemeente hiervoor? Op Prinsjesdag jl. is extra geld voor de Asielketen beschikbaar gesteld, maar is geen duidelijkheid verschaft over de voorbereidingskosten voor de inburgering. De datum van 1 januari 2021 is nog steeds de ingangsdatum voor het nieuwe stelsel. Ondanks de onduidelijkheid en dreigende onuitvoerbaarheid, is wachten geen optie. 

De datum van 1 januari 2021 is een gegeven en met nog 12 maanden in het verschiet moeten gemeenten een strategie formuleren voor deze grote maatschappelijke opgave. 
Momenteel is de instroom van statushouders laag, wat betekent dat gemeenten samenwerking met andere gemeenten moeten zoeken om voldoende kwaliteit te kunnen bieden. Denk bijvoorbeeld aan een gezamenlijke inkoopstrategie van leerroutes en het inburgeringsaanbod  om met voldoende volumes passende partijen te vinden. 

Eerder zijn al enkele aandachtspunten gedeeld waar gemeenten nu al rekening mee kunnen houden in de voorbereiding van de nieuwe Wet inburgering. Hieronder volgt een verdere uitwerking op basis van de voorlopige wettekst en toelichting. In een infographic zijn de belangrijkste punten samengevat.

Kansen op de arbeidsmarkt

Wanneer gemeenten wachten met het nemen van voorbereidingsmaatregelen, betekent dit dat zij ook kansen missen die zich nu voordoen op de arbeidsmarkt. Juist de leerroutes die aansluiten bij de economische structuur van de regio kunnen nu al ontwikkeld worden. Hierbij kiezen bedrijven bijvoorbeeld voor bedrijfsopleidingen. Ook zijn er bbl-trajecten met extra taalles en baangarantie opgezet. Dat vraagt van gemeenten niet alleen om afstemming met ondernemers, maar ook met het onderwijs. De gemeente kan in die afstemming faciliteren en toeleiding organiseren. Het is van belang om vanuit de regio in te zetten op kansrijke leerroutes. De regio is vaak de schaal waarop onderwijs en werkgevers al actief betrokken zijn. 

Wet maakt gedwongen samenwerking mogelijk

Tijd en regionale schaal staan op gespannen voet met elkaar. De minister kan zijn aanwijzingsbevoegdheid gaan gebruiken op het moment dat er onvoldoende kwaliteit aan de inburgeraars wordt aangeboden. Kortom: blijven gemeenten achter, dan kan gedwongen samenwerking volgen. Wachten is dus een slechte strategie.

Huidige aanpak voor statushouders vraagt om blijvende investering

Veel statushouders zijn uitkeringsafhankelijk gedurende hun inburgering. Recente cijfers tonen aan dat zo’n 17% van de statushouders die in 2015 instroomden nu een betaalde baan heeft. Dit is een lichte toename ten opzichte van 2018. Een aantal gemeenten werken al met dedicated klantmanagers voor de inburgering. Zo wordt uitstroom naar werk van statushouders bevorderd. Echter, veel van dit soort initiatieven zijn projectmatig of tijdelijk gefinancierd. Terwijl juist uitstroombevorderende maatregelen leiden tot een toekomstige besparing op de uitkeringslasten. 
Het Rijk start in het kader van het nieuwe inburgeringsstelsel met pilots. In de eerste fase startten er 21 pilots. Onze inschatting is dat de eisen van het Rijk te hoog zijn geweest, waardoor gemeenten met goede plannen zich niet hebben ingetekend of waarbij pilotvoorstellen geen financiering hebben ontvangen. Dat is een gemiste kans, want het betekent dat de kansen op betaald werk blijven liggen voor de huidige groep inburgeraars. Voor 2019 en 2020 zijn aanvullende middelen toegekend. Dit biedt nieuwe mogelijkheden, bijvoorbeeld om het taalniveau te verhogen en daarmee de kansen op betaald werk te vergroten. 

Hulp bij regionale samenwerking

Het nieuwe stelsel zal een regionale samenwerking vragen. Gemeenten moeten daarom nu al hun partners kiezen; niet alleen andere (buur)gemeenten, maar ook werkgevers (via het werkgeversservicepunt), regionale sociale diensten, welzijnsinstellingen, taalaanbieders en maatschappelijke begeleiders zoals Vluchtelingenwerk. Sluit met hen een intentieovereenkomst af en kies een samenwerkingsstrategie vanuit de regionale opgave met een gezamenlijke ambitie. Houd rekening met elkaars belangen, maar vergeet het gezamenlijke belang niet. In dit samenwerkingsverband wordt een inkoopstrategie ontwikkeld. Afhankelijk van de uitvoeringsbudgetten kan in 2020 nog worden op- of afgeschaald en zijn er voorbereidingskosten te verrekenen. 

Tweebenig stelsel: verbindt regionale samenwerking en lokale aanpak

Door de samenwerking aan te gaan maken gemeenten enerzijds de opgave inzichtelijk. Zo zijn gemeenten duidelijk naar andere regionale partijen en worden zij betrokken bij de opgave. Anderzijds organiseert een gemeente zodoende volume en daarmee een aantrekkelijke inkooppartij en kan men goede voorwaarden afdwingen. Ook is het mogelijk om lokaal maatwerk te realiseren voor de meest kwetsbare groep inburgeraars, zoals analfabeten en laaggeletterden. Een goed uitgangspunt is dan ook: dichtbij als het moet, verder weg als het kan. 

Download de infographic

Meer informatie & contact

BMC heeft de aankomende wijzigingen overzichtelijk samengevat in een infographic. Veel termen die in de nieuwe wet zijn opgenomen worden uitgelegd. Wilt u niet wachten om met de inburgering aan de slag te gaan? Neem voor een vrijblijvend gesprek contact op met onze adviseur Bert Peterse via telefoonnummer 06 - 12 29 72 90 of e-mail bert.peterse@bmc.nl of met senior adviseur Peter Donders via telefoonnummer 06 - 54 90 14 77 of e-mail peter.donders@bmc.nl.

Bronnen

  1. Het gaat om € 100 miljoen extra vanaf 2020. Het geld is vooral bedoeld om de doorstroming te verbeteren. In 2020 komt daar € 34 miljoen bovenop. Het is de bedoeling de asielprocedure sneller te maken om te voorkomen dat ouders en kinderen te lang wachten op besluit in hun zaak.
  2. Zie het advies van de VNG en de Raad voor het Openbaar Bestuur, beide te vinden via: https://vng.nl/onderwerpenindex/asiel/asielbeleid-en-integratie/nieuws/vng-kritisch-op-conceptwet-inburgering
  3. Lees onze eerdere publicatie over deze kansen voor statushouders: https://www.bmc.nl/actueel/geef-nu-al-vorm-aan-de-veranderopgave-inburgering
  4. In het conceptwetsvoorstel is artikel 18 over gemeentelijke samenwerking opgenomen.
  5. Zie de Monitor gemeentelijk beleid arbeidstoeleiding vluchtelingen 2019 van het Kennisplatform Integratie en Samenleving: https://www.kis.nl/artikel/iets-meer-statushouders-aan-het-werk
  6. Bericht Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid: https://www.uitvoeringvanbeleidszw.nl/subsidies-en-regelingen/veranderopgave-inburgering-pilots/nieuws/2019/07/18/veranderopgave-inburgering-57-gemeenten-starten-met-pilotprogramma
  7. Zie de bijlage voor de bestuurlijke afspraken over de besteding van deze € 40 miljoen en wijze van verdeling:  https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2019/02/14/bijlage-bestuurlijke-afspraken-szw-en-vng-extra-impuls-inburgering-%E2%80%98en-ondertussen%E2%80%99
  8. Ook de Sociaal Economische Raad (SER) geeft het advies om de schaal van de (arbeidsmarkt)- regio te nemen: https://www.ser.nl/nl/actueel/Nieuws/maatwerk-en-hulp-voor-statushouders
SOCIAAL DOMEIN PUBLICATIE

Contact

Wat zijn uw gegevens?
Waar zal het gesprek over gaan?