22 mei 2026
Aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt: wendbaar en flexibel leren en ontwikkelen
De snelle opkomst van technologie, met name generatieve AI, verandert niet alleen wat we doen, maar vooral ook hoe we werken en leren. Benodigde kennis en vaardigheden binnen beroepen veranderen steeds sneller. Dit heeft directe impact op de arbeidsmarkt en het onderwijs dat daarop aan moet sluiten. AI verandert arbeid zo snel, dat traditionele ontwikkelpaden en opleidingsstructuren steeds minder goed aansluiten op de dynamiek van de arbeidsmarkt. Kennis en vaardigheden verouderen sneller en de behoefte aan wendbaarheid, omscholing en continue ontwikkeling groeit. Dit roept fundamentele vragen op voor onderwijsinstellingen, werkgevers en overheden:
-
Welke competenties binnen beroepen zijn duurzaam relevant?
-
Hoe sluiten onderwijsinstellingen naadloos aan bij de snel veranderende vraag in de arbeidsmarkt?
-
Hoe maak je strategische keuzes in opleidingsportfolio en curriculumontwikkeling?
-
Hoe zorgen we dat lerenden en werkenden zich flexibel en duurzaam over de arbeidsmarkt kunnen bewegen, van jong tot oud?
Onderwijsinstellingen in het mbo en hbo staan voor de opgave om, samen met werkgevers en overheden, leeromgevingen te ontwikkelen waarin Leven Lang Ontwikkelen (LLO) structureel onderdeel wordt van onderwijs en werk. Tegelijkertijd vraagt de arbeidsmarkt om een beweging naar skillsgericht werven, werken, leren en ontwikkelen, zodat talent breder en effectiever benut kan worden. Dit vraagt niet alleen om een herijking van het onderwijsaanbod en de curricula, maar ook om intensieve samenwerking tussen onderwijs, overheid en bedrijfsleven in regionale ecosystemen. Daarnaast vraagt deze transitie om veranderingen in leiderschap, organisatie, cultuur en professionalisering, zodat instellingen en organisaties wendbaar kunnen inspelen op een snel veranderende arbeidsmarkt.
Onderwijsportfolio en het BMC-arbeidsmarktmodel
Om onderwijs en bedrijfsleven beter te laten aansluiten op de snel veranderende vraag naar kennis en vaardigheden op de arbeidsmarkt, heeft BMC een arbeidsmarktmodel ontwikkeld. Dit model combineert openbare databronnen, zoals gegevens van het CBS en UWV, met eigen marktdata van BMC (Randstad). Waar traditionele arbeidsmarktmodellen vooral achteraf ontwikkelingen zichtbaar maken, functioneert dit model als een proactieve radar voor veranderingen in werk en vaardigheden.
Een beroep bestaat uit een arrangement van taken. Het BMC-arbeidsmarktmodel analyseert in welke mate taken en vaardigheden binnen beroepen beïnvloed worden door digitalisering en AI (de technische blootstelling). Door arbeidsmarktdata te koppelen aan duizenden AI-toepassingen ontstaat inzicht in hoe werk verandert: welke taken in toenemende mate geautomatiseerd kunnen worden, welke taken door AI worden ondersteund of verrijkt en welke nieuwe werkzaamheden en vaardigheden ontstaan. Daarmee biedt het model niet alleen inzicht in veranderingen op beroepsniveau, maar juist ook in de onderliggende verschuivingen op taak- en vaardigheidsniveau. Het biedt inzicht in welke taken binnen een beroep meeste waarde creëren.

Voor mbo- en hbo-instellingen biedt dit waardevolle sturingsinformatie voor strategisch portfoliomanagement en toekomstgerichte curriculumontwikkeling. Het helpt focus aan te brengen bij het ontwikkelen en uitvoeren van onderwijs en examinering. Het BMC-arbeidsmarktmodel ondersteunt instellingen bij vragen zoals:
-
Welke opleidingen in de toekomst meer of minder relevant worden;
-
In welke omvang opleidingen aangeboden moeten blijven worden;
-
Welke curricula aangepast of vernieuwd moeten worden;
-
Welke vaardigheden structureel belangrijker worden voor duurzame inzetbaarheid;
-
Wat de meest waardecreërende taken binnen een beroep zijn waar de focus op gelegd moet worden bij onderwijs en examinering.
Samenwerking, taal en het goede gesprek
Echte impact ontstaat wanneer onderwijs, overheid en bedrijfsleven regionaal de krachten bundelen en een gedeelde taal spreken. Een nationale, gezamenlijke skills taal, zoals CompetentNL, vormt de brug tussen deze werelden. Ook in het BMC-arbeidsmarktmodel worden de skills beschreven op basis van erkende skills talen.
Het hanteren van een gemeenschappelijke skills taal helpt onder andere bij:
-
Een scherpere vraagarticulatie vanuit het bedrijfsleven;
-
Het vertalen van de regionale skills-vraag naar een concreet, modulair onderwijsaanbod;
-
Erkennen en valideren van LLO producten mbv microcredentials.
-
De validering en erkenning van informeel leren op de werkvloer;
-
Loopbaanbegeleiding: het goede gesprek tussen werkgever, werknemer en het onderwijs.
Dienstverlening van BMC
Om onderwijsinstellingen, overheden en het bedrijfsleven te ondersteunen bij deze complexe transitie, biedt BMC een domeinoverstijgende dienstverlening, gebouwd op vier pijlers:
-
Datagedreven portfoliomanagement: Wij vertalen regionale arbeidsmarktdata en de impact van AI direct naar strategische keuzes voor het opleidingsaanbod en de legitimiteit van opleidingen (zowel LLO portfolio als het reguliere opleidingsportfolio).
-
Onderwijsontwikkeling: Wij geven inzicht welke beroepstaken veranderen, verdwijnen of ontstaan en wat de impact daarvan is op het curriculum. Daarnaast begeleiden we de onderwijskundige innovatie voor LLO naar flexibele leerroutes, inclusief de integratie van microcredentials, mbo-certificaten en de focus op transitievaardigheden in het curriculum.
-
Regionale ecosystemen: Wij treden op als regisseur in de regio om de samenwerking tussen onderwijs, gemeenten en (MKB-)werkgevers te stroomlijnen. We begeleiden werkgevers en brancheorganisaties naar skillsgericht werven en werken.
-
Organisatieontwikkeling: We begeleiden de noodzakelijke organisatieverandering in leiderschap, cultuur en HR-beleid (inclusief docentprofessionalisering en governance) zodat LLO succesvol verankerd wordt.
Door de impact van AI inzichtelijk te maken en skillsgericht werken, werven, leren en ontwikkelen als een gezamenlijke verantwoordelijkheid te organiseren, borgen we dat talent effectief wordt benut voor maatschappelijke opgaven. We ondersteunen bij de transitie van het 'opleiden voor een beroep' naar het 'ontwikkelen voor een leven lang wendbaarheid'.
Meer weten?