3 nov. 2026
Voorbij de schone schijn
Positieve jaarcijfers maskeren financiële uitdagingen gemeenten
Over 2025 noteren gemeenten opnieuw positieve rekeningsaldi. Valt het dan allemaal wel mee met de financiële nood? Dat beeld behoeft dringend bijstelling, zegt Erwin Ormel, consultant bij BMC. Het financiële perspectief van gemeenten is somberder dan velen denken. Stephanie Onclin, wethouder in Zaanstad, deelt zijn analyse en pleit voor financieel realisme. ‘We moeten keuzes maken en eerlijk zijn. Niet alleen gemeenten, ook het Rijk.’
Erwin Ormel analyseerde met collega’s de afgelopen maanden 125 gemeentelijke kadernota’s om een beter beeld te krijgen van de financiële positie van gemeenten. Daaruit kwam een zorgwekkend beeld naar voren. ‘Het financiële perspectief van gemeenten komt de komende jaren verder onder druk te staan. De meeste kadernota’s geven een slechter meerjarenbeeld dan de meerjarenbegrotingen van afgelopen najaar. Gemiddeld is het perspectief in die relatief korte periode met € 40 per inwoner verslechterd.’
Incidentele inkomsten maskeren dieperliggende trends
Ormel licht toe waarom de financiële situatie relatief slecht is. ‘Je moet voorbij de schone schijn kijken. Gemeenten ontvingen in 2025 extra inkomsten van het Rijk, waaronder een afrekening voor de jeugdzorg over eerdere jaren. Dit soort incidentele meevallers maskeert dieperliggende trends en ontwikkelingen. De structurele kosten in het sociaal en fysiek domein lopen de komende jaren hard op. Tegelijkertijd loopt de compensatie via het Rijk terug, met name bij de jeugdzorg.’ Wat ook meespeelt volgens Ormel is dat gemeenten vanwege alle investeringen flink hebben moeten bijlenen bij banken. ‘Die schulden en bijbehorende rentes moeten natuurlijk ook betaald worden.’
Papieren winst, maatschappelijk verlies
Er is nog een factor die bijdraagt aan de schone schijn, zegt Ormel: capaciteitsgebrek. Er zijn te weinig ambtenaren en vakmensen beschikbaar. Hierdoor is het gemeenten in 2025 niet gelukt om al hun plannen uit te voeren. Deze stilstand zorgt voor een tijdelijke kostenbesparing. Ormel betwijfelt sterk of je hier als gemeente blij mee moet zijn. ‘Je boekt een papieren winst en oogt financieel gezond. Maar de opgaven waar je voor staat verdwijnen niet. Inwoners krijgen immers niet wat ze nodig hebben of wat ze beloofd is zoals goede schoolgebouwen, wegen en bruggen en klimaatbestendige wijken.’
Probleem ligt helder op tafel
Ormel heeft ook 300 coalitieakkoorden bekeken. Duidelijk is dat de plannen van de nieuwe gemeentebesturen nog nauwelijks financieel doorvertaald zijn. Dat roept de vraag op hoe gemeenten al hun maatschappelijke opgaven en politieke ambities willen gaan waarmaken als ze ook nog eens krapper bij kas komen te zitten. Stephanie Onclin is wethouder in Zaanstad, met onder andere financiën in haar portefeuille. Ze herkent de analyse van de gemeentefinanciën van Erwin Ormel. ‘Ik ben blij dat hij dit probleem, dat vaak ontkend wordt, zo helder op tafel legt. Destijds was een tekort voorzien voor gemeenten van € 700 miljoen. Nu zitten de gemeenten dan toch in totaal 3 miljard in de plus. Maar dat komt louter doordat het Rijk eenmalig 3 miljard extra aan gemeenten heeft gegeven. En ja, gemeenten hebben 43 miljard aan reserves. Maar daarvan heeft 75% al een heel concrete bestemming voor de jaren erna. Het is, anders dan soms wordt gedacht, geen geld dat ‘over’ is.’
Verborgen armoede bij gemeenten
Stephanie Onclin weet dat de middelen beperkt zijn en de opgaven groot. Volgens haar is hier in het recente coalitieakkoord van Zaanstad al rekening mee gehouden. Sommige ambities zijn op voorhand getemperd. Het akkoord bevat voor € 40 miljoen aan ombuigingen. Zo zijn de armoederegelingen versoberd en heeft de culturele sector een bezuinigingsopgave gekregen. Ook met dit financieel realisme blijft het volgens Onclin een dagelijkse uitdaging om balans te vinden. ‘Je zit eigenlijk voortdurend in een spanningsveld, waarbij je laveert tussen middelen, mensen, opgaven en ambities. Ik noem het weleens de verborgen armoede van gemeenten. Als je eerlijk bent, zie je dat we niet alleen een deel van onze ambities, maar ook een deel van onze wettelijke taken soms niet kunnen realiseren. Ik denk dan bijvoorbeeld aan inburgering of vrouwenopvang. Ook bij sport moeten we schipperen. We moesten onlangs drie gymzalen renoveren. Dat was vanwege de levensduur echt nodig. Liever hadden we in plaats daarvan direct één nieuwe, multifunctionele sporthal gebouwd, ook omdat we een groeiende gemeente zijn. Die sporthal is er uiteindelijk toch niet gekomen vanwege geldgebrek.’
De rek is eruit
Onclin is naast wethouder ook lid van de VNG-commissie Financiën. Ze heeft een duidelijke visie op de rol die het Rijk zou kunnen vervullen in het samenspel met gemeenten. ‘Ik denk dat het goed is dat gemeenten de afgelopen jaren hebben geleerd om met soms beperkte budgetten creatief en oplossingsgericht te werk te gaan. Tegelijkertijd is de rek er onderhand echt uit. De Samenwerkingsagenda en de Voorjaarsnota worden wat dat betreft heel belangrijk. Gaat het Rijk gemeenten in 2027 bijvoorbeeld daadwerkelijk compenseren voor de stijging van de jeugdzorgkosten? In Zaanstad hebben we daar in onze begroting wél al rekening mee gehouden.
Gemeenten moeten eerlijk zijn over wat ze wel en niet kunnen waarmaken, maar het Rijk moet ook verantwoordelijkheid nemen.’
Meer weten?
Neem contact met mij op