Wilt u meer informatie?
Bel 033 - 496 52 00
of mail naar info@bmc.nl
Klik hier voor het contactformulier

Kwart over vijf, een tijd waarop ik als student eerder mijn bed in rol dan eruit, gaat mijn wekker. Opstaan kost echter geen enkele moeite, want vandaag ga ik naar Zagreb en ik heb er zin in. Met mijn kleine koffertje pak ik de trein en op Schiphol aangekomen ontmoet ik mijn prijs in de personen van Peter Donders (BMC) en professor Frans Pennings (Universiteit van Utrecht). ‘Prijs in de vorm van twee mannen?!’ zul je denken. Het zit zo; met mijn bachelorthesis, over overheidssturing op maatschappelijk verantwoord ondernemen, heb ik het afgelopen jaar de BMC-scriptieprijs gewonnen. Tijdens een feestelijk etentje in restaurant Fifteen kwam voor mij de onverwachte mededeling van Marc Bos dat deze eer mij ten deel viel en dat ik een week mee mocht met Peter Donders naar het buitenland.
De bestemming is Zagreb geworden, het onderwerp een training over EU verordering 883/2004, ofwel modernisering van de sociale zekerheid in Kroatië. ‘Heb je stukken voor mij, zodat ik me kan inlezen?’ vroeg ik tijdens de kennismaking met Peter. ‘Ach, laat het maar gewoon over je heen komen’ zei hij. Zo gezegd, zo gedaan en daarom stap ik nu vol verwachting in het vliegtuig, uitkijkend naar wat komen gaat.
Bij aankomst in het hotel in Zagreb spreken Frans en Peter af om de training voor te bereiden. In de praktijk blijken de heren al goed op elkaar te zijn ingespeeld en is het voorbereiden vooral een kwestie van onderwerpen verdelen en powerpoint slides aanpassen. ‘s Avonds lopen we richting het sfeervolle centrum van Zagreb om een hapje te eten in een restaurantje vlakbij de kathedraal. Na een lekker maal lopen we terug naar het hotel om op tijd naar bed te gaan, want de volgende dag is de training.
Na het ontbijt de volgende dag loop ik met Peter en Frans naar het Ministerie van Economie, Arbeid en Entrepreneurship, waar Milita Cicah, de verantwoordelijke ambtenaar voor dit project, ons opwacht en naar de ruimte brengt waar de training zal worden gegeven. De vertegenwoordigers van werkgevers, werknemers, zorginstellingen, pensioenfondsen en overheden druppelen langzaam binnen. Uiteindelijk is het een grote groep van veertig aan wie Peter en Frans de training gaan geven. Frans en Peter wisselen elkaar af in de presentaties die ze geven. Ze geven de achtergrond van de verordening weer en hoe de verordening zich verhoudt tot andere artikelen en verdragen, zoals het ‘free movement of people’ artikel of het verdrag van Lissabon. Tevens wordt er inhoudelijk op de verordening ingegaan: wat is de scope, welke wijzigingen zijn er in vergelijking met de voorafgaande verordening en welke gevolgen heeft de verordening voor de inrichting en uitvoering van de sociale zekerheid, alsmede voor burgers. De training is goed voor mij te volgen, het is prettig om te merken dat mijn studie bestuurskunde mij voldoende juridisch denken heeft geleerd en kennis over de Europese Unie om dergelijke informatie te kunnen vatten. Tussendoor worden Peter, Frans en ik bij de nieuwe staatssecretaris ontvangen en regelt Peter een afspraak om binnenkort de vorderingen van het project met de staatssecretaris te bespreken. Na de lunch valt me het gebrek aan interactie vanuit de zaal op, het kan door de taalbarrière zijn, al zijn er twee tolken aanwezig. Een aanwezige medewerker van de ambassade die ik later spreek vertelt dat het meer een culturele oorsprong kent. Na wederom een gezellig diner met Frans en Peter kijk ik terug op de intensieve trainingsdag realiseer ik me met name dat het grappig is om te merken hoe Nederlands ikzelf ben, en dat het goed is om me daar bewust van te blijven.
De Nederlandse bril waardoor ik mijn ervaringen in Kroatie bekijk blijkt ook tijdens de derde dag wanneer ik aanwezig ben bij een werkoverleg tussen Peter en Milita. Het gesprek gaat met name over de vorderingen in het project en het belang van communicatie in verband met de komende veranderingen in de sociale zekerheidsadministratie.
Aan het eind van de dag ga ik samen met Peter naar de ambassade. De ambassade wil graag op de hoogte zijn van Peters vorderingen en zij hopen van hem nog informatie te ontvangen over een twinning die de Nederlandse overheid aan zou willen gaan. Tot mijn verbazing wisten ze nog niet dat er een nieuwe staatsecretaris was aangetreden, het is maar goed dat Peter hen op de hoogte houdt. We gaan terug naar Frans in het hotel en nuttige voor de laatste keer gezamenlijk een diner, de terugreis staat al weer voor de deur.
De laatste dag hebben we ondanks de sneeuwval een zeer voorspoedige terugreis en voordat ik het weet sta ik weer in mijn eigen kamer in Nijmegen. Ik kijk terug op een gezellige en leerzame reis. Dank voor het kijkje in de keuken dat ik dankzij BMC heb gehad!
Februari 2010, Heika van Es



Wilt u meer informatie?
Bel 033 - 496 52 00
of mail naar info@bmc.nl
Klik hier voor het contactformulier