Wilt u meer informatie?
Bel 033 - 496 52 00
of mail naar info@bmc.nl
Klik hier voor het contactformulier

Gemeenten staan samen met maatschappelijke organisaties, burgers en bedrijfsleven voor de uitdaging om de transformatie van verzorgingsstaat naar civil society op lokaal niveau vorm te geven. Deze transformatie betekent een andere rol van de lokale overheid, maatschappelijke organisaties en burgers. In onderlinge interactie komen nieuwe oplossingen voor oude en nieuwe vraagstukken tot stand. BMC is partner van gemeenten en maatschappelijke organisaties. Samen zoeken we in uw gemeente hoe we de verandering tot stand kunnen brengen en vorm kunnen geven, met het doel een lokale vitale samenleving te creëren.
Recente publicaties:
![]() |
Transitie AWBZ-begeleiding naar de Wmo
|
![]() |
Quickscan AWBZ-begeleiding naar de Wmo
|
![]() |
De toekomst van de langdurige zorg Een goede zorg voor mensen met beperkingen en voor kwetsbare ouderen staat niet ter discussie. Dat is een publieke waarde, die breed gedeeld wordt. Het borgen van de langdurige zorg naar de toekomst is dan ook van fundamenteel belang. Het verbinden van het publieke domein met private initiatieven met een toets op de publieke waarden: toegang tot zorg, doelmatigheid en kwaliteit van leven. U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier. |
![]() |
Grenzen bereikt? De financieel en economische crisis veroorzaakt veel onzekerheid en vergt alle aandacht en energie. In de publieke sector bestaat onzekerheid over de verwachte ombuigingen in de komende jaren. In deze publicatie willen wij de actualiteit binnen enkele belangrijke publieke sectoren in het perspectief zetten naar de toekomt. De onderzochte sectoren zijn: gezondheidszorg, onderwijs, volkshuisvesting, werk en inkomen. U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier |
![]() |
Van visie tot maatschappelijk effect Voor iedere organisatie is het de kunst om tijdig en adequaat te reageren en nog beter te anticiperen op veranderingen in de samenleving. Dat geldt zeker voor gemeenten. Daarbij gaat het om de vraag of de gemeentelijke doelstellingen, de wijze van besturen of de eigen organisatie moeten worden aangepast. Deze publicatie gaat over veranderen en over de ontwikkeling van een effectieve veranderstrategie. U kunt de publicatie hier downloaden. |
![]() |
Herbestemming van historische stadshavens U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier
|
![]() |
Anders met minder in de Wmo
Tegen de achtergrond van de crisis waarin Nederland momenteel verkeerd, staan gemeenten voor grote maatschappelijke opgaven. Er moet flink bezuinigd worden de komende jaren, ook in de Wmo. In deze publicatie laten we zien hoe de grote opgaven voor de toekomst opgepakt kunnen worden. U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier |
|
|
Nieuwsbrief Maatschappelijke Ontwikkeling (nr. 14)
U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier |
|
|
Oog voor kwetsbare burgers
Special bij de Nieuwsbrief Maatschappelijke Ontwikkeling U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier |
|
|
Nieuwsbrief Maatschappelijke Ontwikkeling (nr. 13) |
![]() |
Aanpak zwerfjongerenproblematiek Deze handreiking is bedoeld voor centrumgemeenten maatschappelijke opvang, als hulpmiddel om hun beleid voor en aanpak van de zwerfjongerenproblematiek vorm te geven. Maar ook voor alle gemeenten die in het kader van preventief jeugdbeleid de regie voeren in een brede integrale aanpak. U kunt deze publicatie hier downloaden |
Recente topopdrachten
Nota Jeugdbeleid Noordoostpolder 2011-2014: Samen verder bouwen
Samen verder bouwen aan een actieve, gezonde en betrokken polderjeugd. Dat is het doel binnen de nieuwe nota Jeugdbeleid. Voorafgaand is door BMC een evaluatie van het jeugdbeleid in de jaren 2007-2010 uitgevoerd. De resultaten vanuit deze evaluatie zijn in de nota jeugdbeleid verwerkt. Alle partners zijn tevreden over de onderlinge samenwerking waarbij veel is gerealiseerd. Partners hebben elkaar gevonden op gezamenlijk geformuleerde doelen, de lijnen zijn kort. Vanuit landelijke en lokale ontwikkelingen en trends zijn aan de hand van drie pijlers: leren, ontspannen en meedoen activiteiten geformuleerd. Vanuit BMC zijn gesprekken met alle partners gevoerd en is de coördinatie gevoerd. Aan de hand van een concrete uitvoeringsagenda is per kwartaal in beeld gebracht welke activiteiten in voorbereiding zijn, in de uitvoering zitten of zijn afgehandeld. Helderheid en transparatie staan in Noordoostpolder voorop. Praktisch handelen en zoeken naar verbindingen sluit aan bij de lokale werkwijze van partners én van de gemeente. Het belang van het kind staat voorop, organisatie (structuren) zijn volgend. Aanvullend op de nota jeugdbeleid is een nota op de voorschoolse periode (nul tot vier jaar) opgesteld. Een prominent doel is het bereik van de doelgroepkinderen, het verbreden van het voorschoolse aanbod en het optimaal benutten van de deskundigheid in de peuterspeelzalen. Beide documenten zijn begin 2011 benut als onderlegger voor een plan van aanpak realisatie van kindcentra in Emmeloord en de tien omliggende dorpen. In korte tijd zijn in goede harmonie met alle betrokkenen aanzienlijke stappen voorwaarts gezet. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jan Hutten, via telefoonnummer 033 - 496 52 00.
Subsidiebeleidskader Haarlemmermeer
Subsidies zijn een wezenlijk instrument in het bereiken van gemeentelijke doelen.De algemene subsidieverordening biedt de formele spelregels rond subsidies en het subsidiebeleidskader de inhoudelijke criteria. Het subsidiebeleidskader moet de argumenten geven om met recht en reden een subsidie toe te kennen, maar ook te weigeren. Gewend als men is aan vaste relaties tussen de gemeente en gesubsidieerde instellingen wordt zelden stil gestaan bij het risico dat ook andere organisaties dan de vaste subsidiepartner een recht op subsidie kunnen laten gelden. Het subsidiebeleidskader wordt daarmee belangrijker. De argumenten ontleend aan het SBK moeten voor de rechter stand houden. Steeds meer gesubsidieerde organisaties of juist partijen die geen subsidie hebben ontvangen weten de weg naar de rechter te vinden. Voor hen is sprake van een markt die bevochten wordt. In sommige gevallen kan dan ook beter aan een opdracht worden gedacht of aan het aanbesteden van een subsidiecontract. In een serie kritische besprekingen met oa beleidsmedewerkers, juristen en subsidiemedewerkers over de praktijk van subsidieverlening en de jurisprudentie op concrete conflicten, zijn criteria ontwikkeld voor allereerst de keuze voor een subsidie, danwel een opdracht en zijn de algemene criteria voor subsidieverlening uitgebreid met begrippen als kernvoorzieningen en programma’s van eisen. De opbrengst is verwerkt in het subsidiebeleidskader, dat tevens aangevuld is met handvatten voor beleidsnota’s die de basis vormen voor subsidieverstrekkingen.
Optimalisatie Combinatiefuncties
In een gemeente in de provincie Noord-Holland zijn sinds 2009 combinatiefunctionarissen actief: mensen die op het snijvlak tussen sport en onderwijs of tussen cultuur en onderwijs werken. De inzet van deze mensen bleek nogal te verschillen tussen de verschillende wijken en scholen. BMC is gevraagd om deze verschillen te analyseren en een voorstel te doen voor een verbeterde inzet. Na gesprekken met alle direct betrokkenen vanuit de gemeentelijke organisatie en de maatschappelijke partners, is een voorstel gedaan voor de verbetering van inzet van de combinatiefunctionarissen. Dit voorstel houdt in dat de aansturing van de functionarissen wordt aangepast en dat de regie van de coordinatoren meer in een hand komt te liggen. Tegelijkertijd wordt gestart met een traject voor de ontwikkeling van brede scholen en de inzet van combinatiefuncties daarin voor 2012 en verder. Dit voorstel is door alle betrokken partijen en de gemeente akkoord bevonden, en wordt nu geimplementeerd. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Sander Olsthoorn via 033 - 496 52 00.
Training vraagverheldering Wmo-consulenten
Een 100.000+-gemeente heeft grote ambities op het terrein van de Wmo. Als pilot-gemeente in het project de Kanteling van de VNG loopt de gemeente voorop in het ontwikkelen van een nieuwe aanpak. De eigen kracht van burgers is daarbij een centraal thema. Als volgende stap heeft het Wmo-loket aan BMC gevraagd alle consulenten van de eerste en de tweede lijn te trainen in nieuwe vormen van vraagverheldering. Opdracht was om de slag te maken van intake en indicatiestelling volgens protocollen naar vraagverheldering gericht op oplossingen en resultaat. In een intensieve vierdaagse training ontdekten consulenten stap voor de stap hoe ze in gesprek met hun klant de vraag kunnen ontrafelen. Gesprekstechnieken en een goede gesprekscontractering bleken daarbij belangrijk. Minstens zo belangrijk bleek het inzicht in de eigen waarden (willen helpen), emoties (irritatie, boosheid) en valkuilen (je laten claimen, in de rol van redder stappen). De BMC-training is gebaseerd op de uitgangspunten van de transactionele analyse. De training is opgebouwd uit modules. Op die manier kan een eendaagse of meerdaagse training opgebouwd worden. In de training koppelt BMC een trainer aan een Wmo-adviseur en/of een trainingsacteur voor een optimale mix tussen vaardigheden, persoonlijke ontwikkeling en inhoud. De opdrachtgever kijkt heel tevreden terug op de training. Naast de ontwikkeling van de medewerkers heeft de training ook een belangrijke ‘boost’ gegeven aan het teamgevoel. Om de resultaten verder uit te bouwen organiseren medewerkers casuïstiekbesprekingen en intervisiebijeenkomsten. Voor meer informatie over de training kunt u terecht bij Peter van Biemen of bij Heleen Rijnkels via 033 - 496 52 00.
Verzelfstandiging gemeentelijke sportgerelateerde taken
Gemeenten geven van oudsher uitvoering aan het beleidsdomein sport en bewegen. Onder invloed van ondermeer de gemeentelijke kerntakendiscussie, de komst van gunstige fiscale wetgeving (Sportbesluit) en de resultaten van succesvol verzelfstandigde sportbedrijven bezinnen gemeenten zich op het organisatiemodel voor sport en bewegen. BMC ondersteunt gemeenten gedurende alle fasen van een verzelfstandiging van sportgerelateerde werkzaamheden. Recent heeft BMC een gemeente in Zuid-Holland ondersteunt door het uitvoeren van een haalbaarheidsonderzoek, een verzelfstandigingadvies, implementatiebegeleiding en als nazorg directieondersteuning. BMC leverde zowel de kwartiermaker als de inhoudelijke experts. Alle bestuurlijke besluiten zijn genomen en het sportbedrijf heeft haar exploitatie succesvol aangevangen. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Rachid Ouchene, via telefoonummer 033 - 496 52 00.
Versterking van het lokale culturele veld door samenwerking
De gemeente Bunschoten is met Spakenburg rijk aan cultuur en cultuurhistorie. De lokale bevolking neemt volop deel aan cultuur via het verenigingsleven, culturele instellingen en evenementen. Een steeds grotere groep bezoekers doet Bunschoten aan bij hun dagtochten. Er bestaat echter een breed gedragen gevoel bij bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheden dat er nog meer uit te halen is. Het cultuur(historisch)aanbod kan nog aantrekkelijker worden gemaakt . Gezamenlijk optrekken met externe promotie, opzet en uitvoering van gemeenschappelijke arrangementen, onderlinge samenwerking en taakverdeling en vernieuwing van het aanbod zijn thema’s voor een programma ‘city marketing’ dat in ontwikkeling is. Dat heeft consequenties voor het beleid op het terrein van het culturele erfgoed en vraagt om professionalisering van de daarbij betrokken organisaties. Dat is een verandering die ook ingrijpt in gegroeide verhoudingen tussen de gemeente en de instellingen. BMC is gevraagd om met een frisse blik van de deskundige buitenstaander een advies te geven over de fasering van de stappen in deze transformatie. Daartoe is een analyse gemaakt van het speelveld ,en zijn kansen voor versterking van het aanbod van cultureel erfgoed in beeld gebracht. Het motto ‘ meer activiteit, meer regie en meer samenwerking ‘ geeft de richting van de adviezen goed weer.Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Paul Koster, via telefoonnummer 033 - 496 52 00.
4e editie Arnhem Mode Biënnale
In opdracht van de gemeente Arnhem en de provincie Gelderland heeft BMC onderzoek gedaan naar de 4e editie van de Arnhem Mode Biënnale. Aanleiding waren tegenvallende bezoekersaantallen en financiële problemen. BMC sprak met veel betrokkenen en kwam tot een analyse van wat er goed en fout ging en tot een serie van aanbevelingen. Hopelijk wordt daarmee de basis gelegd voor een succesvolle lustrumeditie in 2013. In Arnhem leeft breed het besef dat de biënnale een uitzonderlijk evenement is. De kunstopleiding van ArtEZ, de biënnale, het modekwartier en straks het modehotel geven Arnhem een uniek profiel dat past bij het DNA van de stad. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Cor Wijn, via telefoonnummer 033 - 496 52 00.
Integrale huisvestingsplanning
Gemeente zien de gevolgen van krimp op zich af komen en hebben op tal van terreinen behoefte aan helderheid voor de toekomst. Ook op het terrein van onderwijshuisvesting. Daarnaast is het leerlingenverloop vaak grillig, meestal niet in een prognose te ondervangen en bevindt Nederland zich in een recessie. BMC maakt op dit moment een integraal huisvestingplan. Een meerjarenplan voor, maar ook door en samen met schoolbesturen, besturen van peuterspeelzalen en verenigingen van dorpsbelangen, waarin een toekomstbeeld wordt vastgelegd. Vanuit dit toekomstbeeld worden keuzes voor de toekomst gemaakt (moet elk dorp zijn school houden of is een grotere school op afstand ook gewenst?) die in een vorm van convenant tussen de instellingen en de gemeente dient. Op die manier weten de instellingen wat ze van de lokale overheid mogen verwachten en weet de lokale overheid op welke manier ze aan de wensen van de instellingen kunnen voldoen.
Neem voor meer informatie contact op met Robert Waarsing, manager bij BMC, via telefoonnummer 033 - 496 52 00.
Interim management vastgoed en accommodaties kleine gemeente
Een kleine gemeente worstelt een aantal jaar met het accommodatiebeleid en het beheer en verhuur van het vastgoed. De opdrachtgever wil in één project zowel de maatschappelijke partners efficienter huisvesten en het vastgoed afstoten. BMC heeft de opdracht om met de gemeentelijke projectgroep dit te realiseren. De aanpak van BMC kenmerkt zich door in de complexe omgeving een heldere en planmatige lijn uit te zetten. Daarbij is er zowel oog voor de structuur als de samenwerkingscultuur in de projectgroep. De structuur richt zich op het maken van heldere keuzes zodat de maatschappelijke partners, de bestuurders en de raadsleden weten waar zij kunnen verwachten. Er wordt gewerkt aan de samenwerking in de projectgroep door een duidelijke verdeling van verantwoordelijkheden, rollen en taken. Met deze aanpak heeft BMC rust in het projectteam gebracht. Daarnaast is er met de bestuurders een strategie uitgezet op basis waarvan resultaten worden geboekt. Nadat de gehele vastgoedportefeuille is beoordeeld op gebruik door maatschappelijke partners en meerwaarde voor de gemeente, zal de gemeente de nieuwe werkwijze zelfstandig moeten gaan toepassen.
Neem voor meer informatie contact op met Remco Knubben, manager bij BMC, via telefoonnummer 033 - 496 52 00.
Passende maatschappelijke voorzieningen
Gemeenten moeten flink bezuinigen. Zij kijken nadrukkelijk naar het gemeentelijk maatschappelijk vastgoed of hier valt te bezuinigen. Het maatschappelijk vastgoed herbergt de voorzieningen waarvan de gemeente vindt dat deze belangrijk zijn voor de lokale samenleving: schoolgebouwen, bibliotheken, theaters, sport- en gymzalen, buurthuizen. Daarnaast subsidiëren gemeenten organisaties en instellingen die allerlei taken uitvoeren. Voor een grote gemeente heeft BMC een voorzieningenscan ontwikkeld. De scan biedt twee sporen. Het bestaande beleid op maatschappelijk gebied (welzijn, zorg, onderwijs, jeugd, sport en cultuur) wordt getoetst aan de hand van een door ons opgesteld actueel, op de gemeente toegesneden, toekomstvisie. In dit document staan de trends en verwachte beleidsontwikkelingen waarmee de gemeente de komende tijd te maken zal krijgen. Het tweede spoor is het in beeld brengen van al het maatschappelijk vastgoed; niet alleen van de gemeente maar ook van andere partijen. Het is een integrale aanpak, uitgevoerd door BMC-adviseurs maatschappelijke ontwikkeling en vastgoed. Op basis van deze database gaan vier jonge BMC-adviseurs als detectives op hun toegewezen beleidsvelden, in nauw contact met de gespecialiseerde beleidsmedewerker, toetsten waar, of en hoe de maatschappelijke functies worden uitgevoerd. Met deze gegevens in de hand gebeurt de daadwerkelijke confrontatie: hoeveel ruimte wordt werkelijk gebruikt en kunnen functies, waarop voor een deel ook wordt bezuinigd, bij elkaar worden gevoegd. Het maatschappelijk middenveld en partners van de gemeente worden nadrukkelijk uitgenodigd het confrontatieresultaat te bespreken in ronde tafelbijeenkomst, opgesplitst naar de diverse beleidsvelden. Alternatieve oplossingen die worden aangedragen worden meegenomen in het definitieve confrontatieresultaat. Het wordt vertaald in een nota met uitvoeringsmaatregelen. Het samenvoegen en herschikken van maatschappelijke functies en het afstoten van gebouwen levert de gemeente het gevraagde bezuinigingsresultaat. Een ander resultaat van de BMC-voorzieningenscan is een betrouwbaar, maar niet uitputtend, overzicht van het maatschappelijk vastgoed in de gemeente en kan de gemeente op basis van de scan haar beleid op meerdere terreinen herzien.
Strategisch advies in de cultuursector
Grotere gemeenten staan aan de vooravond van het maken van nieuwe meerjarige afspraken met het Rijk, de provincies en de grote culturele instellingen over het niveau aan culturele voorzieningen in de jaren 2013-2016. Diverse gemeenten hebben BMC in de arm genomen voor het ondersteunen van het maken van een kadernota cultuur en het strategisch adviseren van het College in de discussie met Rijk en provincie over de taken van de verschillende overheden op het terrein van kunst en cultuur. Van belang hierbij is onder meer de strategische positionering van deze grote steden in de discussie over de negen culturele ‘kernpunten’, zoals gedefinieerd door staatssecretaris Zijlstra (de 'G9'). In de beleidskaders die BMC helpt ontwikkelen worden de culturele visie en ambities van de stad benoemd en vertaald in een concreet plan van aanpak. Als vertrekpunt geldt hierbij veelal dat de grotere gemeenten de betekenis van kunst en cultuur voor de stad onderkennen, ook en juist in deze periode van economische recessie. Daarbij hebben zij niet alleen oog voor de zelfstandige, intrinsieke waarde van kunst en cultuur, maar ook voor de bijdrage die kunst en cultuur kan leveren aan de sociale, economische en ruimtelijke ontwikkeling van de stad.
Optimalisatie Combinatiefuncties
In een gemeente in Noord-Holland zijn sinds 2009 combinatiefunctionarissen actief: mensen die op het snijvlak tussen sport en onderwijs of tussen cultuur en onderwijs werken. De inzet van deze mensen bleek nogal te verschillen in de verschillende wijken en scholen. BMC is gevraagd deze verschillen te analyseren en een voorstel te doen voor een verbeterde inzet. Na gesprekken met alle directbetrokkenen vanuit de gemeentelijke organisatie en de maatschappelijke partners is er een voorstel gedaan voor de verbetering van inzet van de combinatiefunctionarissen. Dit voorstel houdt in dat de aansturing van de functionarissen wordt aangepast en dat de regie van de coordinatoren meer in 1 hand komt te liggen. Tegelijkertijd wordt er gestart met een traject voor de ontwikkeling van brede scholen en de inzet van combinatiefuncties daarin voor 2012 en verder. Dit voorstel is door alle betrokken partijen en de gemeente akkoord bevonden en wordt nu geimplementeerd.
Onderzoek maatschappelijk rendement sportaccommodaties
Leveren sportaccommodaties een positieve bijdrage aan het maatschappelijk rendement binnen de gemeente? De politiek is helemaal niet geïnteresseerd in bedrijfsvoeringsrapportages maar in het maatschappelijk rendement. BMC wil in een wijk de invloed van een sportaccommodatie op het sociaal-maatschappelijk gedrag inzichtelijk maken. Wat is het maatschappelijk rendement van een sportaccommodatie? Monitoren biedt handvatten voor het bijstellen van het sportaccommodatiebeleid als blijkt dat deze sportaccommodaties onvoldoende maatschappelijk rendement opleveren. De beoordeling 'voldoende' of 'onvoldoende' dient via een nog te ontwikkelen toetsingsmodel vastgesteld te worden. Nederland kent daarnaast al meer dan veertig jaar beleid dat beoogt achterstanden in sportdeelname te verminderen, de gezondheid van de mensen te bevorderen, de leefbaarheid en veiligheid in de wijken te bevorderen, een vermindering van het ziekteverzuim te realiseren, betere schoolprestaties te bewerkstelligen, waardestijging van het vastgoed te realiseren en meer sociale binding tussen wijken en mensen te bevorderen.
Uit de cirkel: van knelpunt naar kans!
De afdeling Maatschappelijke Ontwikkeling van een 100.000+-gemeente heeft BMC onderzoek laten doen naar de doorontwikkeling van de afdeling, waarbij twee vragen centraal stonden:
• Op welke wijze (omvang en organisatie) vindt beleidsontwikkeling en -uitvoering plaats en hoe wordt dit (intern en extern) beoordeeld?
• Op welke wijze worden de medewerkers ondersteund om het gewenste resultaat te bereiken door de wijze van aansturing, de structuur en cultuur?
Doorlichtingen als deze plaatst BMC in een breder kader, dat publieke organisaties en inrichting, organisatie en processen kent die primair en bovenal gericht zijn (of moeten zijn) op het leveren van kwalitatief hoogwaardige producten en diensten voor de klant. Vanuit die gedachte hebben wij onze onderzoeksopzet gebaseerd op een ‘ ideale’ beleidscyclus. De medewerkers van de dienst betrekken we (door middel van een internetenquête en workshops) bij ons onderzoek en we spreken nadrukkelijk met de buitenwereld van de dienst. Onze rapportage is niet alleen een foto van het nu, maar ook en vooral een aanzet tot de gewenste doorontwikkeling. Na het opleveren van het adviesrapport is BMC vervolgens uitgenodigd om concreet handen en voeten te geven aan de implementatie van onze aanbevelingen.
Pelgrims, Onderweg naar Santiago de Compostela
Alles achter je laten om duizenden kilometers af te reizen naar een heilige plek. Een tocht vol ontberingen, een grote kans zelfs dat je het er niet levend van afbrengt. Miljoenen mensen uit heel Europa reisden sinds de elfde eeuw te voet of te paard over de Camino de Santiago naar Santiago de Compostela, een stad in het uiterste noordwesten van Spanje. De Camino, een verzameling wegen, is een van Europa’s oudste en meest invloedrijke routes. Een deel van de Camino is verklaard tot werelderfgoed. Nog steeds arriveren er jaarlijks zo’n honderdduizend pelgrims bij de kathedraal van Santiago om het graf van de apostel Jacobus te bezoeken. Wat bezielt hen? Directe aanleiding voor het project is het 25-jarig jubileum in 2011 van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob. Het genootschap heeft als doel de belangstelling voor de pelgrimstochten naar Santiago de Compostela in heden en verleden te vergroten en te verdiepen. Binnen dit project werken Museum Catharijneconvent te Utrecht en het genootschap intensief samen. Het project bestaat uit drie delen, die nauw samenhangen: een verhalenproject en een virtuele pelgrimstocht, de tentoonstelling en activiteiten rond het jubileumjaar van het genootschap. De gelijknamige publicatie die verschijnt bij de tentoonstelling adresseert, evenals de expositie, de volgende vragen: wat is een pelgrimstocht en wat bezielt mensen om op bedevaart te gaan? BMC leverde de gastconservator, auteur en redacteur voor de expositie en de publicatie. De expositie Pelgrims, Onderweg naar Santiago de Compostela gaat zaterdag 15 oktober 2011 open voor het publiek en staat tot 12 februari 2012.
Optimalisatie Combinatiefuncties
Een 100.000+-gemeente maakt vanaf 2008 gebruik van combinatiefuncties: mensen die op het snijvlak van sport en onderwijs of van cultuur en onderwijs werken. Na drie jaar bleek dat de huidige opzet niet meer tot de gewenste resultaten leidde. Bovendien was er geen overzicht van alle functionarissen. BMC is gevraagd een voorstel te doen voor een nieuwe opzet van combinatiefuncties in deze gemeente. Nadat de evaluatie van de huidige opzet was afgerond zijn er interviews gehouden met alle direct betrokken organisaties en is een quickscan gemaakt van alle relevante beleidsnotities (sport, onderwijs, jeugd, welzijn, cultuur, Wmo). De informatie uit al deze bronnen samen heeft geleid tot een advies. In het advies is een organisatievorm voorgesteld waardoor er een overzicht komt van alle functionarissen, de overlap wordt teruggedrongen en de structuur zo is ingericht dat deze gedurende vele jaren kan worden behouden. Daarnaast kunen alle reeds bestaande succesvolle projecten hierin probleemloos worden voortgezet. Het advies van BMC wordt met het werkveld (alle scholen, cultuurinstellingen, sportverenigingen en andere belanghebbenden in de gemeente) besproken, waarna het door het college zal worden vastgesteld.
Strategisch advies in de cultuursector
De grotere gemeenten staan aan de vooravond van het maken van nieuwe meerjarige afspraken met het Rijk, de provincies en de grote culturele instellingen over het niveau aan culturele voorzieningen in de jaren 2013-2016. Diverse gemeenten hebben BMC in de arm genomen voor het ondersteunen van het maken van een kadernota cultuur en het strategisch adviseren van het College in de discussie met rijk en provincie over de taken van de verschillende overheden op het terrein van kunst en cultuur. Van belang hierbij is onder meer de strategische positionering in de discussie over de negen culturele ‘kernpunten’, zoals gedefinieerd door staatssecretaris Zijlstra (de 'G9'). In de beleidskaders die BMC helpt ontwikkelen worden de culturele visie en ambities van de stad benoemd en vertaald in een concreet plan van aanpak. Als vertrekpunt geldt hierbij veelal dat de grotere gemeenten de betekenis van kunst en cultuur voor de stad onderkennen, ook en juist in deze periode van economische recessie. Daarbij hebben zij niet alleen oog voor de zelfstandige, intrinsieke waarde van kunst en cultuur, maar ook voor de bijdrage die kunst en cultuur kan leveren aan de sociale, economische en ruimtelijke ontwikkeling van de stad.
Deventer: cultuursector bezuinigt en vernieuwt
In Deventer heeft BMC de cultuursector geholpen met het maken van een eigen ombuigingsplan. Onlangs is het plan aangeboden aan de wethouder cultuur en financiën. Anders dan in andere gemeenten is in Deventer niet de kaasschaaf gehanteerd, of is er op één culturele organisatie in het bijzonder bezuinigd. In plaats daarvan hebben de plaatselijke culturele instellingen onder begeleiding van BMC een plan gemaakt dat (a) het bestaande activiteitenniveau op peil houdt, (b) zorgt voor vernieuwing én (c) de gemeente vanaf 2013 een structurele besparing oplevert. Een belangrijk element in het plan is de oprichting van een revolving fund dat culturele evenementen gaat financieren. Door de stad te programmeren met gerichte culturele projecten en concepten wordt beoogd de publieksparticipatie te laten stijgen. De opbrengst van de grotere publieke belangstelling moet vervolgens via de toeristenbelasting en de OZB (voor horecaondernemers) terugvloeien naar het fonds, dat de gelden weer herinvesteert. Zo moet een motor op gang komen die een veelheid aan aantrekkelijk festivals en manifestaties teweegbrengt en zo de culturele instellingen van nieuw publiek voorziet.
Openbare bibliotheken: anders subsidieren
De openbare bibliotheken vormen samen de grootste culturele instelling van ons land met zo'n 4 miljoen leden en 130 miljoen uitleningen per jaar. Toch staan ze onder druk. Het aantal uitleningen daalt al jaren gestaag. Ondanks de bibliotheekvernieuwing die het afgelopen decennium heeft plaatsgevonden is de maatschappelijke legitimatie van bibliotheken onderwerp van debat geworden. De discussie over de toekomst van de bibliotheek vindt plaats op een moment dat de overheidsfinancien er slecht voorstaan. Recent onderzoek bevestigt dat voor de bibliotheeksector zeer zwaar weer op komst is. Er is sprake van een cumulatie van bezuinigingen door meerdere overheidslagen. Volgens het onderzoek krijgt 93% van de bibliotheken de komende vier jaar met gemeentelijke bezuinigingen te maken. 62% van de bibliotheken verwacht daarnaast ook gevolgen van bezuinigingen bij de provinciale serviceorganisaties te ondervinden. Al op korte termijn zal de bereikbaarheid en het aanbod van bibliotheken verminderen. In enkele kleine kernen zal de bibliotheekvoorziening helemaal verdwijnen. Om onder deze omstandigheden nog bibliotheekwerk te kunnen bieden dat aansluit bij de behoeften van gebruikers moeten bibliotheken en gemeenten onderling in gesprek over nieuwe en goedkopere vormen van informatievoorziening en dienstverlening. Voor bibliotheken en overheden is het van belang om – zo mogelijk tezamen – te komen tot een toekomstbestendige invulling van het concept ‘bibliotheek’. Gemeenten en bibliotheken kunnen baat hebben bij een model dat hen helpt om deze dialoog op een constructieve en vruchtbare manier te voeren. BMC heeft op verzoek van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten een handreiking gemaakt die het gemeentelijk opdrachtgeverschap inhoudelijk en procesmatig kan ondersteunen. De handreiking wordt door de VNG aan haar leden beschikbaar gesteld. Klik hier voor meer informatie over de handreiking.
Culturele samenwerking in 100.000+-gemeente versterkt
Een 100.000+-gemeente tracht, ondanks noodzakelijke bezuinigingen, het culturele profiel van de stad te blijven versterken. Uit gegevens blijkt dat de gemeente in haar cultuuruitgaven achterblijft bij wat gelet op omvang en positie van deze gemeente kan worden verwacht. De gemeente wil nu een Stadsforum tot stand brengen, waarin mogelijk de bibliotheek, het filmhuis en het museum zouden samengaan. Ook werkt men toe naar integrale cultuurvisie. De cultuurinstellingen hebben waardering geuit voor de ambities van het gemeentebestuur, maar ook zorg. Gaat de nieuwe voorziening niet ten koste van de bestaande en legt de integrale cultuurvisie samenwerking niet te dwingend op? BMC heeft verkennende gesprekken met alle partijen gevoerd en een overleg voorgezeten tussen hen en de wethouder. BMC heeft de voorwaarden geschetst waaronder partijen met méér wederzijds vertrouwen aan de plannen kunnen samenwerken. Daarmee lijkt een nieuwe basis voor samenwerking gelegd.
Cultuurkeus in grote gemeente
In presentaties aan de gemeenteraad, aan de culturele instellingen en aan de pers hebben eind april het College van B&W van een grote gemeente en BMC toelichting gegeven op het BMC-advies ‘Cultuurkeus’ en de hierop gebaseerde besluitvorming in het college van B&W. ‘Cultuurkeus’ bouwde voort op een eerder BMC-advies over de culturele instellingen van de gemeente die feitelijk een financiële injectie behoefden en verdienden. Het nieuwaangetreden college staat echter voor een grote bezuinigingsopdracht en wil daarom één instelling offeren en de overige instellingen versterken. Ook wil het een groter bereik van cultuureducatie in wijken en op scholen. Tegen deze achtergrond heeft BMC de mogelijkheden verkend en adviseert een vernieuwende aanpak waarin – na de onvermijdelijke subsidiestop op het centrum voor de kunsten – met minder geld toch méér kinderen worden bereikt. Ook adviseert BMC om de culturele instellingen een gezamenlijke ‘motor’ te geven voor publiciteit en marketing. Het college van B&W volgt het advies grotendeels. De Raad besluit in juli 2011.
Cultuureducatie verkend
Op korte termijn rondt BMC het advies af aan een provincie over de toekomst van de eerstelijns steunfuncties cultuureducatie. De provincie heeft BMC in de arm genomen vanwege het voornemen om zich uit de eerstelijnsvoorzieningen terug te trekken. Hierbij gaat het om de acht regionale steunpunten die rechtstreeks aan scholen adviseren en die bemiddelen tussen onderwijs en aanbieders van cultuureducatie (kunsten, erfgoed en media). De provincie wilde voorkomen dat de infrastructuur op dit gebied ineen zou storten. Met een enquete onder scholen, culturele instellingen en gemeenten heeft BMC een inventarisatie gemaakt van de stand van zaken, van mogelijkheden en van visies. In enkele rondes hebben er per regio gesprekken met gemeenten plaatsgevonden – ambtelijk en bestuurlijk – om de mogelijkheden verder te verkennen. Overal spelen krappe budgetten, maar op veel plaatsen is er ook nog steeds de ambitie om cultuur in het onderwijs te stimuleren. BMC werkte per regio op maat scenario’s uit die de beste rolverdeling en financieringsmogelijkheden schetsen. De uitwerking is straks aan de gemeenten, de instellingen en de scholen gezamenlijk.
Zelfevaluatie Amsterdams Fonds voor de kunst
Onlangs heeft het Amsterdams Fonds voor de Kunst (AFK) een positieve beoordeling gekregen van een speciaal ingestelde visitatiecommissie. De visitatie is onder auspiciën van de Amsterdamse Kunstraad in opdracht van wethouder Gehrels gehouden om te beoordelen of het AFK naar verwachting en naar tevredenheid functioneert. BMC heeft het AFK begeleid in het zelfevaluatietraject en bij het schrijven van het zelfevaluatierapport. Door met directie, staf, raad van toezicht én gebruikers gesprekken te voeren heeft BMC vooral een spiegelende rol willen spelen. De nadruk in het traject lag niet op het schrijven van een rapport, maar op het stimuleren van het vermogen tot zelfreflectie en een structurele benadering van kwaliteitsmanagement.
Nota Jeugdbeleid Noordoostpolder 2011-2014: Samen verder bouwen
Samen verder bouwen aan een actieve, gezonde en betrokken polderjeugd. Dat is het doel binnen de nieuwe Nota Jeugdbeleid. Voorafgaand is door BMC een evaluatie van het jeugdbeleid in de jaren 2007-2010 uitgevoerd. De resultaten vanuit deze evaluatie zijn in de Nota Jeugdbeleid verwerkt. Alle partners zijn tevreden over de onderlinge samenwerking waarbij veel is gerealiseerd. Partners hebben elkaar gevonden op gezamenlijk geformuleerde doelen, de lijnen zijn kort. Vanuit landelijke en lokale ontwikkelingen en trends zijn aan de hand van drie pijlers – leren, ontspannen en meedoen – activiteiten geformuleerd. Vanuit BMC zijn gesprekken met alle partners gevoerd en is de coördinatie gevoerd. Aan de hand van een concrete uitvoeringsagenda is per kwartaal in beeld gebracht welke activiteiten in voorbereiding zijn, in de uitvoering zitten of zijn afgehandeld. Helderheid en transparatie staan in Noordoostpolder voorop. Praktisch handelen en zoeken naar verbindingen sluit aan bij de lokale werkwijze van partners én van de gemeente. Het belang van het kind staat voorop, organisatie(structuren) zijn volgend. Aanvullend op de Nota Jeugdbeleid is er een nota met betrekking tot de voorschoolse periode (nul tot vier jaar) opgesteld. Een prominent doel is het bereik van de doelgroepkinderen, het verbreden van het voorschoolse aanbod en het optimaal benutten van de deskundigheid in de peuterspeelzalen. Beide documenten zijn begin 2011 benut als onderlegger voor een plan van aanpak realisatie van kindcentra in Emmeloord en de tien omliggende dorpen. Een onderzoek naar het draagvlak voor kindcentra is voor 1 september 2011 afgerond. In korte tijd zijn in goede harmonie met alle betrokkenen aanzienlijke stappen voorwaarts gezet.
Fieldlab Aangepast Sporten
Betrokken partijen in het werkveld van sport en handicap willen zich in de toekomst regionaal, landelijk en – mogelijk – internationaal profileren met projecten gericht op innovaties in sporten met een handicap. Uit een door BMC in opdracht van het revalidatiecentrum Blixembosch (onderdeel van de Libra Zorggroep) opgestelde rapportage blijkt de behoefte aan een Fieldlab Aangepast Sporten. Met dat fieldlab gaan Blixembosch, de gemeente Eindhoven en de provincie Noord- Brabant meer mogelijkheden creëren voor het ontwikkelen van de beoogde innovaties. Vooral de toezegging van de provincie Noord-Brabant om op zoek te gaan naar subsidiebronnen voor de (mede)financiering van het fieldlab is een belangrijk resultaat. Steun van de provincie maakt de weg vrij voor de stap naar realisatie van het Fieldlab Aangepast Sporten.
Begeleiding ontwikkeling Businessplan beheersorganisatie Energiehuis
BMC begeleidde het opstellen van een businessplan voor het nieuw te vormen ‘huis voor de podiumkunsten’ in een gemeente. In de gemeente bevindt zich het Energiehuis: een industrieel erfgoed, waarvan de gemeente de eigenaar is. De toekomstige partners van het Energiehuis (ToBe, Kunstmin en Bibelot) hebben zich verenigd in de Stichting Energiehuis in oprichting. Het businessplan behelsde het vormgeven en formuleren van de inhoudelijke samenwerking en het opstellen van de exploitatiebegroting Energiehuis in samenhang met de eigen instellingsbegrotingen (shared service-componenten en aansluiting bij de commerciële (horeca)opzet). De volgende stappen zijn ondernomen:
• opstellen van een sluitende instellingsbegroting voor verblijf in het Energiehuis, (met daarin alle kosten voor de nieuwe huisvesting) door elke van de drie deelnemende instellingen;
• in kaart brengen welke onderdelen de afzonderlijke instellingen in het Energiehuis willen inbrengen;
• los daarvan: opstellen van een begroting van alle kosten voor shared service-diensten aan de deelnemende partners;
• opnemen van een doelstelling voor sponsoring, lagere financieringslasten, duurzaamheidsmaatregelen et cetera.
De maximale overlap door samenvoeging van een gedeelte van de backoffices (shared services) uit de sluitende begrotingen van de partners, en de kosten en opbrengsten van de Stichting Energiehuis in oprichting, leverden samen een exploitatieresultaat op.
Excellentieprogramma voor studenten Sport, Management & Ondernemen voor de Hogeschool van Amsterdam.
Met de HvA | Sporthogeschool, is overeengekomen dat BMC een bijdrage wil en zal geven aan het nieuwe Excellentieprogramma voor sterk presterende studenten. BMC|Sport zal dit doen door een drietal activiteiten te verzorgen die onderling een samenhang hebben, te weten:
· het leveren van de Birkman-methode voor de in het programma startende student; die daarmee een inzicht krijgt in haar/zijn handelen waardoor zij/hij beter in staat is het gedrag beter te sturen en waar nodig effectiever te maken;
· de verzorging van een masterclass ‘good governance in de sport’; waarbij wij de toekomstige leidinggevenden in de sport zullen opleiden in de principes van goed bestuur inclusief het daarbij behorende (voorbeeld)gedrag, de bestuurlijke integriteit, de waarden en normen van het besturen van organisaties en het toepassen van moreel aanvaardbare managementtechnieken;
· de verzorging van een zogeheten field trip waarvoor een groep studenten wordt ontvangen in ons kantoor te Amersfoort alwaar wij een programma voor hen verzorgen waarbij kennis wordt gemaakt met de wereld van advies, onderzoek en interim management. Alsook met de professionele attitude die dit vraagt en ontwikkelingsmogelijkheden die het biedt. De overeenkomst is aangegaan voor een periode van drie jaar te beginnen in het schooljaar 2010-2011; ook het eerste jaar van dit voor de HvA nieuwe Excellentieprogramma.
Onderzoeksopdracht Identiteit Kustplaatsen, Iconen van Ooit en Nooit, Provincie Noord-Holland
In het uitvoeringsprogramma van de (concept-)Structuurvisie 2040 van de provincie Noord-Holland moet het programma Identiteit Kustplaatsen de bewustwording rond de identiteit van de badplaatsen stimuleren en inspireren. Door het accent te leggen op kwaliteit en identiteit worden de recreatieve en toeristische kansen verkend als factoren voor economische groei. BMC is door de provincie gevraagd een pilot te leiden over de vraag op welke wijze de kennis van verdwenen en nooit gebouwd erfgoed kan worden benut in het denken en de ontwikkelingen over ruimtelijke kwaliteit en identiteitsversterking van de kustplaatsen. BMC heeft daarvoor een interactief traject georganiseerd, waar de verschillende partijen (overheden, historische verenigingen, instellingen) uit de verschillende kustplaatsen bij betrokken werden. Samen met hen zijn de verdwenen gebouwen en nooit-gerealiseerde bouwprojecten aan de kust in kaart gebracht. Tijdens een aantal inspirerende workshops op regionaal niveau werd informatie hierover uitgewisseld en werden er prioriteiten gesteld. Daarnaast werden de resultaten besproken tijdens een expertmeeting met deskundigen uit de wereld van erfgoed en architectuur. Het resultaat is een handzame catalogus met een Top 50 Iconen van Ooit en Nooit, een uitgebreide groslijst van iconen en een handleiding voor de doorwerking en het benutten van de resultaten door de provincie en de verschillende partijen.
Revitalisatie Ontwerpopgave De Wierdijk, provincie Noord-Holland
Met de ontwerpopgave De Wierdijk wilde de provincie Nood-Holland nagaan of de cultuurhistorische kwaliteiten (de dijk als archeologisch monument) als uitgangspunt konden dienen voor een ontwerp waarin ook de civieltechnische randvoorwaarden konden worden geborgd (waterkerend worden van de dijk). Door deze benadering hoopt de provincie meerwaarde te generen, om zo een ‘monument van de toekomst’ voor het gebied te verkrijgen. Het project werd daarom bewust uit het grootschalige project van het Wieringerrandmeer geknipt. BMC startte als projectleider met het instrument culturele planologie een interactief traject met de betrokken stakeholders en de bewoners. Voor het praktische ontwerp nodigde BMC Ketter&Co uit als onderaannemer, een gelegenheidsformatie met een kunstenaar, ontwerper en cultuurhistoricus. Behalve met de projectgroep van opdrachtgever, de gemeente en projectbureau werd met een klankbordgroep van bewoners en vertegenwoordigers van historische verenigingen samengewerkt. Het traject heeft geleid tot nieuwe perspectieven op de dijk: een breed en gelaagd ontwerp. Daarnaast zijn er diverse culturele producten ontstaan, zoals een ‘culturele biografie’ van de dijk, met verhalen van bewoners, portretten van de dijk, de dieren en de bewoners, een kleurenwaaier, een woordenboek van de dijk, een herbarium van de dijk, een serie van panoramafoto’s en voorstellen voor het educatief uitdragen van de bijzonderheden. In het ontwerp van de dijk zelf werden in het voorstel voor de voorzieningen fragmenten van boerderijen uit het gebied verwerkt, waardoor ‘het verhaal’ van de dijk ook af te lezen is aan het landschap. De resultaten dragen bij aan het versterken van de eigen identiteit en beleving van het gebied en het project is door verschillende partijen opgepakt en in een eigen programmering opgenomen. Voor de provincie geldt De Wierdijk als een voorbeeldproject waar met een gebied en vanuit het gebeid is gewerkt aan versterking vanuit eigen verantwoordelijkheid en met cultuur en cultuurhistorie als drijvende krachten. Eind 2009 zijn in een tentoonstelling in een kerk in Wieringen de resultaten door een enthousiaste bevolking ontvangen. Vanwege het niet doorgaan van het project Wieringerrandmeer en het projectbureau wordt momenteel door provincie, gemeenten en BMC overleg gevoerd op welke wijze het ontwerp kan worden uitgevoerd.
De Molen en Schellinkhout, Provincie Noord-Holland, 2010/2011
De ontwerpopgave De Molen en Schellinkhout is op initiatief van de provincie Noord-Holland, het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNH) en de gemeente Drechterland gestart als pilot voor creatieve gebiedsontwikkeling. Het doel is een bijdrage te leveren aan een vitale regio, waarin ook de kleine dorpen met hun specifieke identiteit (kernwaarden/DNA, geschiedenis, cultuurlandschap en de iconen/monumenten) nieuwe betekenis genereren voor de lokale en regionale ontwikkeling. BMC hanteert daarvoor de methode culturele planologie, waarin cultuur en cultuurhistorie als belangrijke factoren voor ruimtelijke planvorming, ontwerpopgaven en gebiedsontwikkeling worden ingezet. Stake--en shareholders van het gebied gingen onder leiding van BMC in een interactief proces na hoe de kwaliteiten kunnen worden benut voor de ontwikkeling en ontsluiting van Schellinkhout. Allereerst zijn de kernwaarden in kaart gebracht. Dit DNA vormt de basis van de identiteit van het gebied en kan worden doorvertaald naar de ruimtelijke, cultureel maatschappelijke ontwikkeling en profilering/marketing. De Grote Molen van Schellinkhout fungeerde als centrale schakel in het traject. De molen vormt het baken, het icoon bij uitstek, in de verbinding van het land met het water, van de bewoners met de recreanten, van de stad met het dorp en van het verleden met de toekomst. Het traject heeft geresulteerd in de visie ‘Het verhaal van de Grote Molen’. BMC heeft tevens drie aanbevelingen gedaan: ten eerste een antwoord op de vraagstelling van de provincie met betrekking tot de omgang met de molen, ten tweede een voorstel voor recreatieve ontsluiting door middel van twee beeldende routes en ten derde een strategische agenda voor de meer gebiedsgerichte ontwikkelingsstrategie van het dorp Schellinkhout als kern van de gemeente Drechterland. Het proces van deze opdracht wordt momenteel in woord, beeld en geluid vastgelegd. Er komt een overleg tussen de partijen hoe en de aanbevingen van BMC een vervolg moeten krijgen en wie wat gaat doen. De provincie wil nagaan op welke wijze het traject als voorbeeld kan dienen voor andere gebieden. De integrale aanpak van BMC is namelijk goed te vertalen naar andere kernen en dorpen in het landelijke gebied.
Culturele planologie, cultuurhistorie en participatie
Dat behoud en ontwikkeling van erfgoed elkaar niet bijten maar tot vruchtbare resultaten kunnen leiden bewijzen de projecten die BMC samen met haar opdrachtgevers (provincies en gemeenten) uitvoert op het terrein van culturele planologie, cultuurhistorie en participatie. De insteek van het actuele rijksbeleid (overheid is proactief, gebiedsgericht, betrekt bewoners erbij, is soepel wat betreft regels) wordt daarbij vertaald naar de praktijk. Een culturele benadering van ruimtelijke opgaven en identiteit als vertrekpunt voor kwaliteit en ontwikkeling introduceert niet iets nieuws, maar ankert toekomstige ontwikkelingen vanuit de plek. Een heldere profilering en daarop afgestemde marketing, met een verbinding naar voorzieningen en bedrijven, sluit aan bij de maat, de schaal en de sfeer van de plek, de wijk, het dorp. Dit is van belang voor het vasthouden van de bewoners en het aantrekken van andere doelgroepen. De betrokkenheid van de bewoners en gebruikers, het vertellen en benutten van hun ervaringen en verhalen met het oog op praktische resultaten geeft een uiterst effectieve insteek aan de werkwijze van BMC.
Woonservicegebieden Rotterdam-Noord
In Rotterdam-Noord (de wijken Blijdorp en Provenierswijk) worden woonservicegebieden ontwikkeld zodat ouderen in de wijk langer zelfstandig kunnen blijven wonen. Voor de woonservicegebieden heeft BMC een plan van aanpak voor de deelgemeente opgesteld. Er is een convenant ondertekend, waarin alle partners zich hebben verenigd voor een gezamenlijke aanpak, waarbij de nieuwe uitvoeringspraktijk leidend is voor de taken van de ingestelde stuurgroep. De innovatieteams in de twee wijken zijn het gezicht van het woonservicegebied. In de aanpak staat het verbinden tussen zorg en welzijn en formele dienstverlening met informele vrijwillige activiteiten in de wijk centraal. Het borgen van de nieuwe praktijk naar professionals, aanbieders en gemeenten is strategisch gezien het belangrijkste boogde resultaat.
Zelforganiserend vermogen van burgers en professionals als kracht voor verandering en continuïteit
Welzijn nieuwe stijl, de kanteling van de Wmo en veranderingen in de AWBZ zijn voor een welzijnsorganisatie in Brabant belangrijke ontwikkelingen. De organisatie wil deze veranderingen doorvertalen binnen de eigen organisatie. BMC heeft met inbreng van directie, management, medewerkers, stakeholders en de gemeente een strategische verkenning gedaan naar visie, missie, methodieken en communicatie. Hieruit is een nieuwe missie ontleend waarin zelforganiserend vermogen centraal staat. De nieuwe positionering geeft de organisatie naar gemeente, samenwerkingspartners en de interne organisatie een duidelijker gezicht. Zo worden de professionele waarden vertaald naar competenties, functieprofielen en gewenst gedrag. Het resultaat is door BMC vastgelegd in een strategisch lange termijnplan.
Analyse exploitatie en bedrijfsvoering sociaal cultureel centrum
Een kleine gemeente in het Zuiden van Nederland heeft verschillende sociaal culturele activiteiten in een mooi historisch pand ondergebracht. In dit pand zijn diverse culturele (merendeels gemeentelijk gesubsidieerd) gehuisvest. Voor het beheer van het pand en het organiseren van diverse sociaal-culturele activiteiten is geruime tijd geleden een onafhankelijke stichting opgericht, die een subsidierelatie heeft met de gemeente. Problemen ontstaan wanneer de stichting in financieel zwaar weer komt en huurders moeite hebben om te betalen. De gemeente wordt als eigenaar van de het pand aangesproken op de financiële problemen. BMC is gevraagd om duidelijkheid te geven over de ontstane situatie. BMC heeft een analyse uitgevoerd die voor een deel berust op aangeleverde documenten, maar vooral op basis van gesprekken. Deze analyse wordt in een rapport verwerkt waarbij tot slot mogelijkheden voor vervolgstappen worden geschetst. Deze mogelijkheden variëren van korte termijnoplossingen voor de acute problemen, tot mogelijke structurele wijzigingen voor de toekomst. Met dit rapport heeft de politiek vervolgens een basis om te sturen op verbetering op korte termijn en stappen te zetten in de richting van structurele oplossingen.
Coaching beleidsmedewerker Jeugd; invulling aan regie
Gemeenten krijgen steeds meer verantwoordelijkheden in de (preventieve) jeugdzorg. In met name kleine gemeenten betekent dit een behoorlijke taakverzwaring voor de beleidsmedewerkers. BMC coacht in een kleine gemeente de beleidsmedewerker om invulling te geven aan de regierol van gemeenten. Door de toegenomen verantwoordelijkheden kan een beleidsmedewerker niet alles zelf doen; vanaf een afstand moet er gestuurd worden op het hele veld. In het coachingstraject wordt gesproken over de wijze van sturing, het maken van resultaatafspraken, een heldere rolverdeling tussen gemeente en maatschappelijke partners en de persoonlijke effectiviteit van de ambtenaar in het veld. Het resultaat van de coaching is een krachtiger en effectievere werkwijze vanuit de beleidsmedewerker op het complexe veld van de (preventieve) jeugdzorg.
Realisatie CJG; Projectmanagement en projectleiding sluitende aanpak
Alle gemeenten moeten eind 2012 een CJG geopend hebben. Daarbij zoeken gemeenten vaak de samenwerking in de regio. De zorgaanbieders zijn vaak ook op deze schaal georganiseerd. Samenwerking in de regio is niet altijd vanzelfsprekend en kan, wanneer bestuurders onvoldoende op één lijn zitten, een complex proces worden. BMC is gevraagd, in een situatie waarin de verhoudingen tussen de gemeenten in de regio en tussen de betreffende gemeente en de zorgaanbieders, het projectmanagement te voeren om het CJG voor het einde van het jaar te openen. De aanpak van BMC kenmerkt zich door vooral te focussen op de overeenkomsten en de gedeelde belangen. De verschillen blijken voor de betrokkenen een stuk minder groot. Het resultaat van de opdracht is een samenwerking waarin wordt gehandeld op basis van gedeelde belangen. Hierdoor wordt er nu wel gewerkt aan integrale en planmatige zorg voor jeugdigen, ouders en gezinnen.
Visie op onderwijshuisvesting van het voortgezet onderwijs in de Liemers
In de Liemers, een gebied tussen Arnhem en Doetinchem bij de Duitse grens, lopen leerlingenaantallen terug. Tegelijkertijd wordt het geconfronteerd met een gedateerd gebouwenbestand met allerlei onderwijskundige, technische en functionele beperkingen. Het huidige VMBO-gebouw in Zevenaar kan zelfs niet meer voorzien in de onderwijskundigebehoefte. Schoolbestuur De Gelderse Onderwijsgroep Quadraam wenst al enkele jaren vervangende nieuwbouw op een terrein in Zevenaar nabij de ontwikkeling van een groot transport- en logistiek centrum waar ook station Zevenaar-Oost A12 is gepland. In de Liemers zijn grote transporteurs gevestigd en deze VMBO-school voorziet onder andere deze bedrijfstak van gekwalificeerd personeel. De gemeenten Zevenaar, Duiven en Montferland nemen deel in het samenwerkingsverband de Gemeenschappelijke Regeling Huisvesting Voortgezet Onderwijs in de Liemers en vanuit de wettelijke zorgplicht van gemeenten dienen de drie samenwerkende gemeenten een besluit te nemen of vervangende nieuwbouw daadwerkelijk noodzakelijk is. Naar schatting is hiermee een investeringsbedrag gemoeid van mogelijk €15 miljoen. In deze financieel zware tijden een zeer ingrijpend en politiek gevoelig besluit. BMC is gevraagd om in opdracht van deze gemeenten onderzoek te doen op basis van alle beschikbare data en rapporten ten einde een basisdocument te vervaardigen waarop de politiek in de Liemers een besluit kan nemen.
Combinatiefuncties in Oss: Sport Expertise Centrum
In de gemeente Oss gaat men gebruikmaken van de landelijke Impuls Brede Scholen, Sport en Cultuur (combinatiefuncties) en tegelijkertijd het gemeentelijke Bureau Sportstimulering reorganiseren. BMC levert de kwartiermaker voor de oprichting van een nieuwe zelfstandige stichting (het Sport Expertise Centrum, SEC) welke als werkgever zal fungeren voor de combinatiefunctionarissen en combineert dat met de verantwoordelijkheid voor de gewenste reorganisatie van Bureau Sportstimulering. Door in een vroeg stadium het (interim-)management van Bureau Sportstimulering over te nemen kunnen deze medewerkers direct worden meegenomen in de ontwikkelingen van de nieuw op te richten stichting, waarin zij als combinatiefunctionaris werkzaam zullen zijn. Zo gaan reorganisatie en oprichting van het SEC goed samen. Tegelijkertijd wordt in nauwe samenwerking met een ambtelijk projectleider de oprichting van de zelfstandige stichting vormgegeven. BMC kan in dat opzicht bogen op ruime kennis en ervaring met het oprichten van zelfstandige (sport-)stichtingen. Per 31 december 2010 zal de zelfstandige stichting formeel los komen te staan van de gemeente en zelf verantwoordelijk zijn voor de bedrijfsvoering. De stichting is straks in staat door eigen ondernemerschap de sport in Oss een nieuwe impuls te geven, zonder dat de gemeente daarvoor extra middelen hoeft aan te wenden.
Bedrijfsplan Theater De Teerstoof
Theater De Teerstoof is een jeugdtheater in de gemeente Schiedam met, naast een theateraanbod, een jeugdtheaterschool en een jeugdimpresariaat. De Teerstoof was onderdeel van de gemeente Schiedam (gemeentelijke Stichting Educare). De gemeente heeft de wens uitgesproken over te gaan tot verzelfstandiging van Stichting Educare. De activiteiten van Stichting Educare worden ondergebracht in een nieuw op te richten stichting. Hiertoe is Stichting De Teerstoof i.o. in het leven geroepen. Het bestuur van deze stichting heeft nadrukkelijk gesteld dat, alvorens de activiteiten worden overgedragen, het noodzakelijk is een bedrijfsplan op te stellen waarin de richting voor de toekomst wordt bepaald. Het bedrijfsplan moet de basis leggen voor een gezonde exploitatie van Stichting De Teerstoof. Met het ondernemingsplan in handen wordt de focus voor de komende jaren bepaald en wordt duidelijk hoe de organisatie eruit moet gaan zien om op volle kracht vooruit te kunnen. BMC heeft dit ondernemingsplan opgesteld, grotendeels op basis van INK.
Haalbaarheidsstudie Cultuurhuis Duiven
De gemeente Duiven onderzoekt de mogelijkheden voor de realisering van een cultuurhuis in het centrum van Duiven, als onderdeel van de herontwikkeling van het dorpshart: Vitaal Centrum Duiven (VCD). Begin 2009 stelde het college de twaalf uitgangspunten voor het Cultuurhuis vast zoals die verwoord staan in de Notitie gemeentelijk belang Cultuurhuis. Een haalbaarheidsstudie moest uitwijzen wat de mogelijkheden zijn voor het Cultuurhuis op basis van de aannames die in het visiedocument gemaakt zijn.
Vernieuwend welzijn in Hengelo
Steeds opnieuw moet in welzijnsland gewerkt worden aan innovatie en kwaliteitsontwikkeling. Op dit moment zijn er landelijke en lokale ontwikkelingen en signalen die erop wijzen dat de huidige werkwijze binnen (een deel van) het welzijnswerk dat in de gemeente Hengelo wordt aangeboden niet meer voldoet. Deze ontwikkelingen brengen een veranderende rol van de professional met zich mee, zowel op strategisch, tactisch als operationeel niveau. Om de ontwikkelingen op zowel inhoud als positie en rol te stimuleren hebben de gemeente Hengelo en SCALA welzijnswerk besloten extra inzet te plegen voor het vernieuwend welzijnswerk. Daarbij wordt de nadruk gelegd op een drietal diensten of producten, te weten wijknetwerken, het opbouwwerk en het servicepunt vrijwilligers. Lees meer >>
Alcoholmatigingsbeleid Den Haag
De verontrustende signalen rondom excessief alcoholgebruik blijven actueel. Niet alleen de jeugd grijpt eerder en in forsere mate naar het glas, ook de toegenomen alcoholproblematiek bij ouderen is zorgwekkend. Den Haag volgt de landelijke tendens. Het stadsbestuur wil een proactief beleid voeren om overmatig alcoholgebruik in te dammen vanuit een positieve en niet-bevoogdende boodschap. De opdracht is om voor 2010 een intersectoraal omvangrijk programma te ontwikkelen, dat dicht bij de leefwereld van de doelgroep staat en dat een verbinding legt tussen preventie, vroegsignalering en regelgeving. Onderdeel van de opdracht is een vernieuwende multimediacampagne voor jongeren en ouderen, van waaruit een keten van vroegsignalering en handhaving tot stand wordt gebracht.
Combinatiefuncties
In 2008 is de ‘Impuls brede scholen, sport en cultuur’, oftewel ‘Combinatiefuncties’, gestart. Landelijk is het streven om in 2012 2.250 fte te realiseren. Een combinatiefunctie is een functie waarbij een werknemer in dienst is bij één werkgever, maar te werk gesteld wordt in twee sectoren. Het gaat hier om de sectoren onderwijs, sport en cultuur. Deze 2.250 combinatiefuncties moeten de verbindingen tussen het onderwijs en de vrijetijdsector (sport en kunst/cultuur) tot stand brengen en/of versterken. De combinatiefuncties kunnen een afgestemd activiteitenaanbod ontwikkelen op scholen en bij sportverenigingen en cultuurinstellingen. Hierdoor kunnen kinderen elkaar ontmoeten, zichzelf ontwikkelen en vooral ook plezier hebben. De aangeboden activiteiten moeten laagdrempelig zijn en kunnen zowel tijdens als na schooltijd worden aangeboden. BMC levert projectleiders op het gebied van combinatiefuncties. Deze projectleiders adviseren en ondersteunen binnen de gemeente bij de visievorming, bewaken de aansluiting op bestaand beleid, gaan op zoek naar middelen om in te zetten (bijv. cofinanciering), stellen het uitvoeringsplan op, zoeken naar de beste vorm voor het werkgeverschap en organiseren het participatietraject met lokale organisaties en instellingen. Daarnaast voeren ze naar behoefte nog vele andere taken uit. Door de ervaring die in de afgelopen twee jaar is opgedaan met de combinatiefuncties heeft BMC veel kennis en informatie vergaard op dit gebied.
Haalbaarheidsonderzoek cultuurcluster Pontes Campus Zierikzee
In opdracht van de gemeente Schouwen-Duiveland heeft BMC een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd naar de ontwikkeling van een cultuurcluster in Zierikzee. Het gaat om huisvesting van een filmtheater, muziekschool, poppodium, theaterfunctie en bibliotheek bij een middelbare school. De aanleiding voor het onderzoek zijn de verouderde huisvesting van de culturele instellingen en een ruimteoverschot bij de school dat een negatief effect heeft op de exploitatie. Lees verder >>
Onderzoek knelpunten Vrouwenopvang
Het huidige stelsel van vrouwenopvang in Nederland voldoet niet meer om slachtoffers van verschillende vormen van geweld op te vangen en te begeleiden. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om slachtoffers van eergerelateerd geweld, mensenhandel en loverboys. Bovendien is het takenpakket in de loop der jaren impliciet uitgebreid naar het hele terrein van hulp en opvang bij geweld in afhankelijkheidsrelaties. Daarom is aan BMC gevraagd een landelijke analyse op te stellen over de huidige knelpunten bij de opvang van nieuwe doelgroepen in de vrouwenopvang en de verruiming van taken. BMC heeft in het najaar van 2009 een onderzoek uitgevoerd, waarbij allereerst een analyse is opgesteld over de relatie tussen beleid, prestaties en geld op het gebied van de vrouwenopvang. Daarnaast is een knelpuntenanalyse opgesteld over de opvang en hulp aan nieuwe doelgroepen. De onderzoeksresultaten vormen, samen met de resultaten van twee andere uitgevoerde onderzoeken, input om een besluit te nemen over maatregelen die het huidige stelsel in financiële en juridische zin toekomstbestendig kunnen maken.
‘Klaar voor de toekomst!’ Ondersteuning bij het vaststellen van een nieuwe strategische koers
Welzijnsorganisaties hebben te maken met een roerige omgeving. Er is sprake van concurrentie, nieuwe toetreders, en verscherping van de uitvoering van de Wmo door gemeenten. Dit vraagt van welzijnsorganisaties een ondernemende houding en een extern gerichte blik. Surplus Welzijn Breda heeft in de afgelopen twee jaar geïnvesteerd in een koerswijziging. Gevoed door inwoners van Breda, de gemeente en samenwerkingspartners zoals politie, woningcorporaties en justitie heeft Surplus met ondersteuning van BMC een nieuwe strategische koers bepaald. Hiermee is Surplus klaar voor de toekomst. Jan Klerx, regiomanager van Surplus Welzijn Breda blikt tevreden terug op een intensief en boeiend traject. 'We hebben de goede uitgangspunten in handen om samen met bewoners(organisaties), partners en gemeente te investeren in meedoen en verbinden. De invloed van de burgers vormt daarbij misschien wel de grootste winst.'
Interactieve trajectvisie op jeugd- en jongerenwerk
De gemeente Lansingerland wil graag dat het jeugd- en jongerenwerk aansluit bij nieuwe ontwikkelingen in de gemeente. Het gaat hierbij om de uitvoering van de onlangs vastgestelde beleidsnota integraal jeugdbeleid en het van start gaan van het Centrum voor Jeugd en Gezin. Het is belangrijk dat de nieuwe visie op het jeugd- en jongerenwerk breed gedragen wordt. De gemeente heeft BMC gevraagd het interactieve traject vorm te geven waarmee de input van het veld wordt gemaximaliseerd en richting wordt gegeven aan het nieuwe jeugd- en jongerenwerk.
Giving the Syrian voices of change more than some extra oxygen
In oktober 2009 heeft BMC een project uitgevoerd voor IKV Pax Christi, een invloedrijke Nederlandse vredesorganisatie. Het project bestond uit het evalueren van het Pax Christi-programma voor maatschappij- en vredesopbouw in Syrië. Daarnaast is een analyse gemaakt van de impact van het werk van lokale partners op beleidsmakers en politici in Nederland en in de Europese Unie. Inmiddels is BMC uitgenodigd om zitting te nemen in het kennisprogramma over Syrië door de Universiteit van Amsterdam en het Humanistisch Instituut voor Ontwikkelingssamenwerking (HIVOS) in Istanbul.
Ontmoeting in Sint-Michielsgestel
Sint-Michielgestel is een gemeente met circa 28.000 inwoners, vijf kernen en een levendig verenigingsleven. Bij het aantreden van het huidige college heeft de gemeente gekozen voor de invoering van het Kulturhusconcept (het combineren van voorzieningen onder één dak) in de gemeenschapshuizen in drie kernen. Volgens de gemeente krijgen de ontmoetingsfunctie en de gemeenschapszin hiermee een enorme impuls. De lokale gemeenschap moet de nieuwe voorziening ‘dragen’ en wordt verantwoordelijk voor het beheer en de exploitatie. De gemeente neemt de investering voor nieuwbouw/verbouw en de kosten van de (vernieuwing van de) inventaris voor haar rekening. De gemeente heeft twee jaar geleden het proces in gang gezet om samen met alle betrokkenen (verenigingen, instellingen en stichtingsbesturen) dit resultaat te bereiken. De procesbegeleiding was in handen van BMC.
Projectleiding CJG Zeist
De gemeente Zeist wil een Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) realiseren. Aan BMC is gevraagd een plan van aanpak te maken. De opdracht start met een inventarisatie van het speelveld en de spelers in Zeist: hoe ziet de bestaande situatie eruit, wat zijn de ideeën en wensen van de betrokken partijen, wat hebben zij zelf te bieden en wat verwachten zij van de gemeente? Daarna organiseert de projectgroep onder leiding van BMC een grote startbijeenkomst waaraan alle interne en externe partners actief deelnemen. Tevens onderzoekt de projectgroep de wensen en verwachtingen van de burgers als toekomstige gebruikers van het CJG. Op basis van deze input stelt de projectgroep het plan van aanpak – inmiddels 'schetsontwerp' gedoopt – op. Het resultaat is een breedgedragen schetsontwerp voor het CJG in Zeist, waarin de visie, de doelstellingen, vervolgstappen, planning en financiële randvoorwaarden benoemd zijn.
Versterking Wijkgericht Werken
Wijkgericht werken is populair. Wijkgericht werken draagt bij aan het verkleinen van de afstand tussen burger en bestuur. Het gaat om het samenspel tussen burgers, overheid en maatschappelijke organisaties. In een gemeente wordt het wijkgericht werken projectmatig versterkt. BMC heeft hierin de rol van kwartiermaker vervuld en een model voor wijkgericht werken vorm en inhoud gegeven. Hierbij zijn stadsdeelplatforms en stadsdeelactieplannen ontwikkeld. Met kernpartners (bewoners, woningbouwcorporaties, welzijn en veiligheid) wordt de samenwerking op stadsdeelniveau versterkt. Stadsdeelmanagers zijn gecoached en getraind op hun nieuwe functie en rol binnen het model. De rol van BMC als kwartiermaker is afgerond. Op basis van een plan van aanpak en een communicatieplan werken stadsdeelmanagers en projectleider verder aan de versterking van het wijk- en dorspgericht werken in de gemeente.
Haalbaarheidsonderzoek naar een dorpshuis in Den Dolder
Den Dolder (4.000 inwoners) is een dorp in de gemeente Zeist. De gemeente gaat een belangrijk deel van haar woningbouwprogramma realiseren in Den Dolder. Dit betekent naast veel bouwactiviteiten voor de komende jaren een groei van de bevolking met zeker 40 procent. Deze groei heeft gevolgen voor de leefbaarheid in het dorp, zoals ook al gebleken is uit een leefbaarheids-effectenstudie die in 2008 is uitgevoerd. Op basis van dit onderzoek is BMC gevraagd te onderzoeken wat er dient te gebeuren met de maatschappelijke voorzieningen in het dorp en meer concreet: of het wenselijk en haalbaar is een dorpshuis of multifunctionele accommodatie te realiseren.
De staat van zes: een vergelijkend onderzoek naar de exploitatie van culturele instellingen
Een gemeente wil graag extra middelen investeren in zes grote culturele instellingen, mits kan worden vastgesteld dat de middelen doeltreffend en efficiënt zullen worden aangewend. Daarnaast moet de meerwaarde worden bepaald van bijzondere producties, de keuze voor inhoud en verdieping en de aanwezigheid in regionale programma’s. De gemeente heeft BMC gevraagd bovenstaande vragen te beantwoorden. BMC heeft samen met de instellingen onderzoek uitgevoerd naar het niveau van de kosten, de mate van cultureel ondernemerschap en de culturele kosten en baten.
Nieuwe visie, nieuwe kansen voor maatschappelijk ondernemerschap
Met de invoering van de Wmo hebben gemeenten een centrale rol gekregen op het terrein van de maatschappelijke ondersteuning en ontstaan er ook kansen voor verbindingen met andere terreinen. Een gemeente met ambitie ziet haar kans en heeft BMC gevraagd om samen een brede maatschappelijke visie op te stellen en een sociale agenda voor de raadsperiode 2010-2014. De grote opgave is het vertalen van de sociale agenda naar concrete acties en activiteiten. Allereerst zijn hiervoor maatschappelijke effecten en meetbare indicatoren benoemd. Onder begeleiding van BMC zoeken gemeente en maatschappelijke organisaties naar een nieuwe, gezamenlijke aanpak: het maatschappelijk ondernemerschap.
Oerol festival 2009
Het Oerol-festival op Terschelling wordt geleid door een zakelijk en een artistiek leider. De zakelijk leider was met bevallingsverlof. Haar functie is waargenomen door een BMC-adviseur. Diens opdracht is het geweest de algehele zakelijke leiding te voeren. Daarbij was het met name van belang om de structuur van Terschellings Oerol in relatie met de vrienden en de lokale ondernemers – beide groepen zijn van groot belang voor het festival – opnieuw in te richten.
Project Nieuwe Arrangementen in de Sport, vitalisering sportverenigingen
BMC heeft vanuit de gemeente Amsterdam als spin in het web gefungeerd om sportverenigingen te vitaliseren en/of te professionaliseren door middel van de inzet van studenten van de Hogeschool van Amsterdam en het ROC van Amsterdam. Studenten van verschillende opleidingen hebben een bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van plannen, het werven van kader en de ondersteuning van de verenigingen. Het is de bedoeling dat de sportverenigingen door de vitalisering een grotere rol gaan vervullen op de maatschappelijke agenda.
Krachtwijken in Utrecht
Voor de vijf Utrechtse Vogelaarwijken, ook wel 'krachtwijken' genoemd, is in 2007 een Wijk-Actie-Plan ontwikkeld. Doel van de speciale aandacht die uitgaat naar de krachtwijken is om de leefbaarheid in de wijken aanzienlijk en binnen korte tijd te verbeteren. Door de samenhang in de brede en integrale programma's versterken sociale en fysieke maatregelen elkaar. In de Utrechtse Vogelaarwijken is ervoor gekozen om de sociale maatregelen grotendeels te richten op jeugd en gezin. De start van de welzijnsactiviteiten in 2008 is gecoördineerd door een projectleider van BMC. De eerste resultaten van de maatregelen zijn al zichtbaar. In 2009 vindt onder begeleiding van deze projectleider de eerste ronde evaluaties in de vijf Vogelaarwijken plaats. Deze evaluaties richten zich op de gehele programmering en zijn dus veel breder dan alleen de maatregelen op gebied van welzijn.
VU Amsterdam
Voor de VU Amsterdam, Faculteit der Bewegingswetenschappen, hebben we twee uitdagende opdrachten gedaan: een onderzoek naar optimale synergiemogelijkheden tussen wetenschap/science en het op te richten Centrum voor Topsport en Onderwijs (CTO) in Amsterdam. Aan BMC is gevraagd om via gesprekken met stakeholders binnen en buiten Amsterdam en via een internationale benchmark een advies uit te brengen over de wijze waarop er optimale synergie gevonden kan worden als deze twee initiatieven aan elkaar gekoppeld worden. Als vervolgopdracht hebben wij een visiedocument voor de VU gemaakt waarin een nieuw op te richten Netherlands Sport Science Institute (NSSI), een sportwetenschappelijk instituut van wereldklasse, wordt beschreven. In het visiedocument geven wij aan wat de synergievoordelen zijn voor het VU Kwartier, het CTO Amsterdam, de gemeente Amsterdam en welke rol het NSSI nationaal en internationaal gaat spelen. Ons visiedocument maakt deel uit van de ontwikkeling van het nieuwe VU Kwartier, waarmee in totaal een bedrag van vele honderden miljoenen euro gemoeid is.
Algemeen
Ontwikkeling Centrum voor Jeugd en Gezin
Met de vijf gemeentelijke Wmo-taken als vertrekpunt (geven ven informatie en advies, (vroeg)signaleren van problemen, verwijzen naar het lokale en regionale hulpaanbod, bieden van licht pedagogische hulp en de zorg voor jongeren en gezinnen) bundelt het Centrum Jeugd en Gezin (CJG) de lokale functies en taken op het gebied van opvoeden en opgroeien. In verschillende gemeenten leveren de adviseurs, interim-managers en beleidsadviseurs van BMC ondersteuning bij visieontwikkeling, de ontwikkeling van een plan van aanpak, de implementatie daarvan en de evaluatie.
Bredeschoolontwikkeling
De Brede School heeft als doel het leveren van een bijdrage aan de ontwikkelingskansen van alle kinderen. Steeds meer wordt de Brede School gezien als een middel om de sociale cohesie en de veiligheid in de wijk te bevorderen. BMC heeft in diverse gemeenten bijgedragen aan de integratie van de verschillende functies die in de Brede School samenkomen, zoals onderwijs en opvang, opvoeding, zorg, hulpverlening en vrijetijdsbesteding. BMC levert kwaliteit in het gehele proces van onderzoek, (visie)ontwikkeling, realisatie, gebruik en evaluatie van Brede Scholen en multifunctionele accommodaties.
Herijking gemeentelijk Jeugd- en Onderwijsbeleid
Krachtig jeugdbeleid is slechts mogelijk op basis van een stevige gemeentelijke regie en in nauwe samenwerking met de lokale partners. Voor diverse gemeenten leverde BMC adviseurs en projectmanagers voor trajecten rondom de herijking van integraal jeugdbeleid. Centraal in deze opdrachten staan de samenwerking en participatie van partners (maatschappelijke organisaties; onderwijs, zorg, welzijn) en de jeugdigen zelf.
Wilt u meer informatie?
Bel 033 - 496 52 00
of mail naar info@bmc.nl
Klik hier voor het contactformulier