Onze aanpak

Hoewel er al langer sprake van was, is de besluitvorming over deze decentralisatie van recente datum. Het overgangsregime brengt met zich mee dat 2011 vooral een jaar was van verkenning en planvorming. Nu in 2012 zal de voorbereiding daadwerkelijk ter hand worden genomen om de invoering zo goed mogelijk te laten verlopen. Onze aanpak sluit daarbij aan.

Voor cliënten, de gemeenten en zorgaanbieders geldt dat de op stapel staande beleidswijziging vertaald moet worden naar de lokale en/of regionale situatie. Gemeenten hebben inzicht nodig van de eigen inwoners die nu gebruikmaken van de functie begeleiding. Wie zijn het? Waar wonen zij? Hoeveel mensen betreft het? Welke activiteiten vinden er plaats? Welke aanbieders? Met welk budget en tegen welk tarief? Allemaal relevante vragen voor een gemeente. De zorgverzekeraars zijn voor de gemeente een belangrijke partner om dit inzicht te verkrijgen. Gemeenten kunnen mogelijk ook een stap verdergaan en een deel van de inkoop en de contactering van de Wmo door de zorgverzekeraars laten uitvoeren. Dat kan een effectieve vorm van outsourcing zijn. Voor de zorgaanbieders is het belangrijk om te weten hoe de werkwijze en de beleidskaders van de gemeenten eruitzien. Relevante vragen voor de zorgaanbieders zijn: Wat is het gemeentelijk beleid op onderhavig terrein? Bij wie moet je zijn om een aanbod kenbaar te maken? Welke kennis heb je nodig van de Wmo? Hoe werkt het compensatiebeginsel? Wat zijn dan de spelregels? Welke partijen zijn er nog meer actief?

Op basis van het inzicht in de uitgangssituatie is de strategische positionering relevant voor zowel de gemeenten als de zorgaanbieders. Wat komt er op ons af en hoe gaan we dat aanpakken, zijn de bijbehorende vragen.

Voor gemeenten is daarbij te denken aan de inpassing van de nieuwe taken in de Wmo en de concrete inpassing in het Wmo-beleidsplan 2011-2015: de visie op de verantwoordelijkheidsverdeling als het gaat om burgers, aanbieders en de gemeente, het financiële totaalbeeld van de Wmo, risico’s, relaties met bezuinigingstaakstellingen en kerntaken, verbindingen met andere decentralisaties, zoals jeugdzorg, en de voorgenomen Wet werken naar vermogen.

Voor zorgaanbieders is het van belang om een strategische partner van de gemeente(n) te zijn. Maar het speelveld verschilt met betrekking tot wat bekend is vanuit de AWBZ. Op welke wijze sluit het eigen aanbod aan op de Wmo-doelstellingen? Welke dwarsverbanden met andere producten en partijen zijn wenselijk? Wat is de relatie met wijkgericht werken? Hoe kan worden aangesloten op de kanteling van de Wmo? Wat zijn consequenties van het werken met meerdere financiers (verzekeraars en gemeenten)?

BMC kent de wereld van de cliënten, de gemeenten en de zorgaanbieders als geen ander. Onze experts kunnen diensten leveren voor de verkenning, de strategische keuzes, de voorbereiding en de implementatie van de overgang van begeleiding en dagbesteding van de AWBZ naar de Wmo.

Gemeenten zullen met deze taken op een andere manier omgaan dan de huidige AWBZ-praktijk laat zien. De andere invalshoek van de Wmo (compensatiebeginsel) en het sterk verminderde budget geven wijzigingen van beleid en uitvoering. Het vraagt om nieuwe aanpakken, die gerealiseerd moeten worden met beperktere middelen. BMC heeft ervaring met innovatie die gelijk opgaat met bedrijfszekerheid en sluitende exploitaties.

Wilt u meer informatie?

Bel 033 - 496 52 00

of mail naar info@bmc.nl

Klik hier voor het contactformulier